Instemmingsrecht van de OR bij personeelsbeleid

Het instemmingsrecht is een machtig wapen van de ondernemingsraad (OR). De werkgever kan veel regelingen alleen invoeren, wijzigen of intrekken als de OR hier nadrukkelijk toestemming voor heeft gegeven. Zo heeft de OR instemmingsrecht regelingen die betrekking hebben op het aanstellings-, ontslag- of bevorderingsbeleid.

14 oktober 2020 | Door redactie

De OR heeft volgens artikel 27, lid 1e van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) instemmingsrecht op het aanstellingsbeleid. Dat houdt in dat de ondernemingsraad moet instemmen met algemene regelingen over de werving en selectie van nieuwe werknemers. Die kunnen bijvoorbeeld betrekking hebben op de omgang met sollicitanten of het wel of niet aanbieden van deeltijdcontracten, tijdelijke aanstellingen en het model arbeidsovereenkomst. Een bekende richtlijn die organisaties gebruiken bij hun werving- en selectieprocedure, is de NVP Sollicitatiecode. Deze sollicitatiecode bevat ook voor de OR veel bruikbare informatie.

Cao gaat voor bedrijfsregels

De cao gaat altijd voor de bedrijfsregels. Een ondernemingsraad doet er goed aan om bij een instemmingsverzoek te letten op:

  • voorkomen van willekeur;
  • discriminatie bij de sollicitatieprocedure;
  • beschermen van privacy van sollicitanten en werknemers;
  • werknemers betrekken bij het aanstellen van een collega;
  • eventueel bepaalde werknemers een voorkeurspositie verschaffen bij het (intern) vervullen van een vacature.

Instemmingsrecht op doorstroom- en ontslagbeleid

Ook het bevorderingsbeleid – regels voor interne werving, voorrangsbeleid en overplaatsingsbeleid – valt onder het instemmingsrecht. Re-integratiewetgeving geeft verminderd arbeidsgeschikte werknemers voorrang bij een functie. Tot slot heeft de ondernemingsraad – als het aankomt op personeelsbeleid – instemmingsrecht over het ontslagbeleid. De ondernemingsraad moet instemmen met regels over vervroegd uittreden en het houden van ontslaggesprekken.