VERDIEPINGSARTIKEL

De zorg voor het milieu en de taak van uw OR

De overheid wil dat in 2050 de economie volledig circulair is en alle grondstoffen volledig opnieuw worden gebruikt. Om te controleren of Nederland op de goede weg is, moet in 2030 de CO2-uitstoot gehalveerd zijn ten opzichte van 1990. Elk huishouden en elke organisatie moet aan de doelen van de overheid voldoen. Ook uw bestuurder moet dus tijdig plannen maken en investeren. Daarbij speelt ook uw OR een belangrijke rol.


10 januari 2022 6 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Elke onderneming verbruikt energie, gebruikt grondstoffen, maakt en verpakt spullen of koopt ze in, vervoert werknemers of producten en veroorzaakt of loost afval. Op al dit verbruik moeten maatregelen genomen worden om – op termijn – de doelstelling van een circulaire economie te halen.

Uw OR heeft vanuit de Wet op de ondernemingsraden (WOR) voldoende bevoegdheden om daar een rol in te spelen. Het advies-, instemmings-, overleg- en initiatiefrecht bieden genoeg mogelijkheden om invloed uit te oefenen op besluiten die gevolgen hebben voor het milieu.

WOR geeft OR taak om zorg voor milieu te bevorderen

De WOR geeft uw OR de opdracht mee om naar vermogen de zorg van de onderneming voor het milieu te bevorderen (artikel 28, lid 4 WOR). Weliswaar ontbreekt het uw OR aan wettelijke mogelijkheden om uw bestuurder te dwingen om milieubevorderende maatregelen te nemen, maar deze stimulerende taak is een belangrijke drijfveer om doorlopend aandacht te vragen en te houden voor een doeltreffend bedrijfsmilieuzorgsysteem.

Iedere organisatie moet milieubeleid maken en uitvoeren

Elke verandering begint met het voornemen om te veranderen. Er is een wettelijke noodzaak voor elke organisatie om zodanig beleid te maken en uit te voeren, dat aan de doelstellingen van de overheid wordt voldaan.

U zult uw bestuurder moeten overtuigen van de noodzaak om in de komende jaren maatregelen te treffen die bijdragen aan een beter milieu. Natuurlijk moeten er kosten gemaakt worden om bijvoorbeeld energiebesparende maatregelen te treffen, maar op termijn leveren die kosten ook besparingen op waarmee uw organisatie financieel voordeel kan behalen.

Beter milieu op uw initiatief

Op grond van het initiatiefrecht kunt u ook zelf met milieuvoorstellen komen. Doet u dat in de vorm van een initiatiefvoorstel, dan moet uw bestuurder dit voorstel ten minste één keer in de overlegvergadering met uw OR bespreken en uw OR daarna schriftelijk en gemotiveerd informeren over zijn besluit.

Door uw initiatiefvoorstel goed uit te werken en onderbouwen, vergroot u de kans dat uw bestuurder er het nut of de noodzaak van inziet en dat hij uw ongevraagde advies ook daadwerkelijk aanneemt.

Milieuonderzoek is raadzaam en soms zelfs verplicht

Sinds 1999 zijn een aantal grotere, sterk vervuilende organisaties verplicht om een milieuverslag te schrijven. Dat zijn zo’n 300 bedrijven, zoals raffinaderijen, de staalindustrie of elektriciteitscentrales. Op grond van artikel 31 WOR heeft uw OR recht op een exemplaar van het milieuverslag. Dit artikel geeft uw OR namelijk het recht op gevraagde en ongevraagde informatie. Het milieuverslag zou bij de gevraagde informatie kunnen horen.

Zo’n milieuonderzoek is ook aan te bevelen voor organisaties die niet verplicht zijn om zo’n verslag te maken. Het bevat de risico’s en de gevolgen voor het milieu en gaat in op vragen zoals: 

  • Hoe staat onze huisvesting ervoor?
  • Hoe doen we het op energiegebied en welke afvalstromen worden door de onderneming veroorzaakt?
  • Hoe staat het met de CO2-uitstoot?
  • Hoeveel zicht heeft de ondernemer op de manier waarop de leveranciers met het milieu omgaan?

Door daar als inkopende partij eisen aan te stellen levert u ook een bijdrage aan de verbetering van het milieu.

Milieumanagementsysteem nuttig om milieuprestaties te verbeteren

Als zo’n milieuonderzoek nog niet gemaakt of al gedateerd is, zet het dan op de overleg­agenda om daar met uw bestuurder afspraken over te maken. Zo’n onderzoeksrapport zal ongetwijfeld aanbevelingen bevatten voor de te treffen maatregelen en de daarvoor benodigde investeringen.

Er bestaat een internationaal milieumanagementsysteem: NEN-EN-ISO 14001. Dit kan de ondernemer gebruiken om de milieuprestaties systematisch en professioneel te verbeteren. Organisaties die serieus werk willen maken van het verbeteren van het milieu kunnen daarmee aan de slag. Voor het invoeren van zo’n managementsysteem moet uw bestuurder een adviesaanvraag indienen bij uw OR (artikel 25, lid 1l WOR).

OR beoordeelt of meerjarenplan toereikend is om milieudoelen te halen

Organisaties maken meerjarenplannen, meestal voor 3 of 5 jaar vooruit. De plannen komen ter bespreking op de overlegagenda, bijvoorbeeld in de overlegvergadering over de algemene gang van zaken (artikel 24 WOR), en bij voorkeur in aanwezigheid van een delegatie van toezichthouders als raad van toezicht of raad van commissarissen.

Voor uw OR is het zaak om te beoordelen of de plannen voldoende maatregelen bevatten om de circulaire doelstelling te halen. Er zal in ieder geval een uitgebreide paragraaf in de beleidsplannen moeten staan waarin wordt toegelicht hoe uw organisatie aan de milieudoelstellingen werkt en gaat werken. Let daarbij op de volgende onderdelen:

  • Er worden maatregelen genomen die de huisvesting van uw organisatie klimaatneutraal maken.
  • Er wordt energie bespaart en alle energie is duurzaam opgewekt.
  • De afvalstromen door productie en verpakkingen worden beperkt en wat er weggegooid wordt kan worden hergebruikt.
  • Er wordt klimaatneutraal gereisd, bij voorkeur met openbaar vervoer of carpoolen.

Energielabel voor bedrijfsgebouwen

Als onderdeel van de energietransitie wil de overheid bedrijfs- en kantoorpanden energiezuiniger maken. Een aantal bedrijfsgebouwen moet daarom een energielabel hebben. Het gaat om gebouwen met gebruiksfuncties zoals: kantoor, bijeenkomst, kinderopvang, gezondheidszorg met bedden, gezondheidszorg overig, onderwijs, sport, logies, winkel en cellen.

Voor kleine gebouwen van minder dan 50 m2 of tijdelijke gebouwen gelden uitzonderingen. Kantoren van 100 m2 en groter moeten vanaf 1 januari 2023 minimaal een C-label hebben (video). Als het pand dan niet aan de eisen voldoet, mag het niet meer als kantoor gebruikt worden.

Rol OR bij uitvoering jaarplan

De meerjarenplannen worden doorgaans concreet uitgewerkt in een jaarplan. Ook die plannen komen in het artikel-24-overleg op de agenda. Dit overleg is daarom ook hét moment voor uw OR om afspraken te maken met uw bestuurder over de manier waarop hij uw OR bij de voorgenomen besluiten betrekt, bijvoorbeeld door een OR-lid te laten deelnemen aan een werk- of projectgroep die met huisvesting, afval, productie of energie aan het werk gaan.

OR weet hoe organisatie omgaat met energie en milieu

Uw OR heeft door het overlegrecht de mogelijkheid om doorlopend aandacht te vragen voor het milieu, bijvoorbeeld door de milieumaatregelen te agenderen voor de overlegvergadering.

Uw OR weet als geen ander hoe er in de praktijk met energie en milieu wordt omgegaan: waar lichten en verwarming onnodig blijven branden, wat er dagelijks ongebruikt wordt weggegooid aan voorraden of wat er aan eten wordt verspild. Zaken waarvan uw bestuurder doorgaans geen weet heeft en die uw OR onder zijn aandacht kan brengen. 

Investeringen in energiebesparende maatregelen leveren op termijn besparingen op

Alert op milieu-aspecten bij adviesaanvraag voor investering

Uw OR heeft adviesrecht bij belangrijke investeringen (artikel 25, lid 1h WOR). Idealiter krijgt u een adviesaanvraag over de investeringsbegroting voor het komende jaar. Bij het beoordelen van die begroting kunt u in uw advies een oordeel geven over de milieu-aspecten van deze investeringen.

U kunt daarvoor uw eigen criteria vaststellen en die in de vorm van een advies aan de bestuurder en achterban kenbaar maken, bijvoorbeeld:

  • De investeringen leveren aanzienlijke energiebesparing op.
  • Door de investeringen wordt de huisvesting duurzamer.
  • Gebruikte materialen kunnen worden hergebruikt.
  • Onze afvalstromen worden verminderd en wat er wordt afgevoerd moet hergebruikt kunnen worden.
  • Er wordt voor het inkoopbeleid rekening gehouden met een zo klein mogelijke milieubelasting.
  • Er wordt lokaal ingekocht.
  • Er wordt uitsluitend samengewerkt met ondernemingen die aantoonbaar maatregelen treffen om de overheidsdoelstellingen te behalen.
  • Transport en vervoer zijn fossielvrij.
  • Gebruik van openbaar vervoer wordt gestimuleerd.

De zorg voor het milieu reikt verder dan één adviestraject dat daar speciaal de aandacht voor vraagt. Milieuaspecten zitten natuurlijk ook in adviesaanvragen voor bijvoorbeeld een verhuizing van (een deel) van de organisatie, of bij belangrijke technologische voorzieningen of het aantrekken van een belangrijk krediet. Let dus ook bij zulke adviestrajecten op de milieuaspecten die daarbij van toepassing kunnen zijn.