Belastingdienst zet klokkenluider op non-actief

Werknemers die misstanden op het werk melden, mogen hier geen nadeel van ondervinden. Dat staat in de Wet Huis voor klokkenluiders. De ondernemingsraad (OR) moet erop toezien dat klokkenluiders zijn beschermd tegen benadeling. In de praktijk valt dit niet altijd mee, zo bleek onlangs bij de Belastingdienst.

26 juni 2019 | Door redactie

Onderzoek door Trouw en RTL Nieuws wees deze week uit dat de Belastingdienst disciplinaire maatregelen heeft genomen tegen een klokkenluider in de affaire rond de kinderopvangtoeslag. Naar aanleiding daarvan werden maar liefst 90 Kamervragen over de affaire bij de Belastingdienst gesteld aan staatssecretaris Snel van Financiën. Centraal staat de vraag hoe het mogelijk is dat de Belastingdienst stelselmatig informatie lijkt achter te houden en hoe de Belastingdienst omgaat met klokkenluiders.

Achterhouden van cruciale informatie

In 2014 vorderde de Belastingdienst bij honderden ouders de eerder uitgekeerde kinderopvangtoeslag – vaak vele duizenden euro’s – terug, omdat de ouders hier volgens de fiscus geen recht op hadden. In de processen die volgden zou de Belastingdienst de ouders niet juist hebben geïnformeerd en belangrijke stukken hebben achtergehouden. Dat kwam aan het licht toen een ambtenaar ontbrekende informatie uit de dossiers naar buiten bracht. De Belastingdienst beschuldigt de ambtenaar van schending van zijn ambtseed en het lekken van interne informatie, en stelde hem eerder dit jaar op non-actief.

Rechtsbescherming voor klokkenluiders

Deze gang van zaken is in strijd met de Wet Huis voor klokkenluiders, die sinds 1 juli 2016 van kracht is. De wet is in het leven geroepen om klokkenluiders bescherming te bieden tegen benadeling naar aanleiding van het melden van een misstand. Werknemers moeten zich vrij kunnen voelen om misstanden aan te kaarten, daarom mag hun melding geen nadelige gevolgen, zoals ontslag voor hen hebben. Hoe een organisatie omgaat met de melding van misstanden, moet zijn vastgelegd in de klokkenluidersregeling (tool). Voor alle organisaties met vijftig werknemers of meer is zo’n klokkenluidersregeling verplicht. Een belangrijke rol is hierbij weggelegd voor de OR.

Rol OR bij klokkenluidersregeling

Ook al is de regeling voor veel organisaties verplicht, dit betekent nog niet dat elke organisatie een klokkenluidersregeling heeft. De OR kan dan op basis van het initiatiefrecht (artikel 23, lid 3 WOR) zorgen dat er een klokkenluidersregeling komt. Ook  heeft de OR instemmingsrecht op de klokkenluidersregeling (artikel 27 WOR). Dit houdt in dat de bestuurder de voorgenomen regeling pas kan invoeren als de OR hiermee heeft ingestemd. De OR doet er goed aan de inhoud van de klokkenluidersregeling kritisch te bekijken.

Huis voor Klokkenluiders constateert benadeling werknemer

De klokkenluidersaffaire bij de Belastingdienst is geen unicum. Het Huis voor Klokkenluiders (HvK), de instantie die toeziet op naleving van de Wet Huis voor klokkenluiders, ziet regelmatig overtredingen. Het Huis voor klokkenluiders constateerde onlangs de benadeling van een werknemer. Dit blijkt uit onderzoek naar twee zaken, waarbij klokkenluiders werden ontslagen. Bij de ene zaak stond het ontslag los van de melding, bij de andere zaak werd de klokkenluider wel benadeeld, zo oordeelde het HvK.