Een nieuw Huis voor klokkenluiders

Er is een vernieuwd wetsvoorstel Wet Huis voor klokkenluiders ingediend bij de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel regelt ontslagbescherming voor klokkenluiders die officieel melding maken van een misstand binnen een organisatie. Ook staat in het wetsvoorstel de verplichting om onderzoek te doen naar de gemelde misstand(en) en om een interne regeling op te stellen voor misstanden.

15 april 2015 | Door redactie

Het wetsvoorstel Wet Huis voor klokkenluiders (pdf) is op vrijdag 9 april ingediend bij de Tweede Kamer. De Tweede Kamer stemde in december 2013 al in met een vorige versie van het wetsvoorstel (pdf), maar die versie stuitte op bezwaren in de Eerste Kamer. De Eerste kamer was het er niet mee eens dat het Huis zou worden ondergebracht bij de Nationale ombudsman. De Nationale ombudsman zou dan zowel een onderzoeks- als een adviesfunctie vervullen en dat zou afbreuk doen aan de onafhankelijkheid van het instituut. Bovendien zou dit in strijd zijn met artikel 78a van de grondwet.

Huis voor klokkenluiders onafhankelijk en zelfstandig

Voor het Huis voor klokkenluiders komt daarom een zelfstandig instituut. Om de onafhankelijkheid van het instituut te waarborgen, benoemt de Tweede Kamer de leden voor het Huis. Verder moet het Huis voor klokkenluiders zo worden ingericht dat de regering straks geen invloed heeft op het beleid of de onderzoeken. Ook is er volgens de partijen nu duidelijk onderscheid gemaakt tussen de advies- en onderzoekstaken.
Hoewel een meerderheid van de Tweede Kamer voor het wetsvoorstel is, moet er nog wel een officiële stemming plaatsvinden. Behaalt het wetsvoorstel daarna ook in de Eerste Kamer een meerderheid, dan treedt de Wet Huis voor klokkenluiders in werking.