Integriteitsbeleid kan (en moet) beter

Organisaties zouden meer werk moeten maken van hun integriteitsbeleid. In de praktijk schiet dat beleid namelijk vaak tekort. Dat blijkt uit onderzoek dat het Huis voor Klokkenluiders (HvK) eind 2020 uitvoerde onder ruim 100 integriteitsmanagers in Nederlandse organisaties. De ondernemingsraad (OR) kan erop aandringen dat er een goed en duidelijk integriteitsbeleid komt.

17 mei 2021 | Door redactie

Organisaties met 50 werknemers of meer moeten een regeling hebben voor het melden van vermoedelijke misstanden in de organisatie, oftewel een klokkenluidersregeling. Bij veel organisaties laat het integriteitsbeleid echter nog te wensen over, blijkt uit de verkenning Integriteitsbeleid & de integriteitsmanager, stand van zaken en ontwikkelingsperspectieven (pdf) die het HvK vorige week publiceerde. Met name de proceskant van het integriteitsmanagement, zoals het opstellen van een duidelijk plan van aanpak en het monitoren en evalueren van het beleid, biedt vaak ruimte voor verbetering.

Instemmingsrecht OR regelmatig genegeerd

Van de deelnemers aan het onderzoek gaf 92% aan dat de organisatie een wettelijk verplichte regeling heeft voor het melden van vermoedens van misstanden. Ook negeren organisaties regelmatig het instemmingsrecht van de OR bij de klokkenluidersregeling (artikel 27, lid 1m WOR). Van de respondenten gaf 83% aan dat de regeling ter instemming is voorgelegd aan de OR, en dat de OR ermee heeft ingestemd. Bovendien blijkt de meldregeling niet altijd voldoende duidelijk en goed toegankelijk. Slechts 62% van de respondenten gaf aan dat de regeling voldoende duidelijk was voor de werknemers en bij minder dan de helft van de organisaties (43%) was de regeling openbaar toegankelijk via internet.

HvK pleit voor verplichte integriteitsfunctionaris

De conclusie van de onderzoekers van het HvK is dat werkgevers meer werk moeten maken van hun integriteitsbeleid. Integriteit kan namelijk de kwaliteit van de dienstverlening en de tevredenheid van werknemers verbeteren, en daarmee de prestaties van de organisatie. Het HvK pleit voor een verplichte centrale integriteitsfunctie binnen organisaties. Ook benadrukt het HvK het belang van een goede samenwerking met interne organisatieonderdelen die ook een rol spelen bij het integriteitsbeleid, zoals de OR, de vertrouwenspersoon of bijvoorbeeld de afdeling HR of Financiën, en met externe integriteitsnetwerken. Branche- en werkgeversorganisaties kunnen volgens het HvK een rol spelen bij het organiseren van zulke netwerken.

Veel organisaties moeten meldregeling in overleg met OR herzien

Voor 17 december 2021 moeten alle EU-lidstaten een nieuwe EU-richtlijn die de positie van klokkenluiders versterkt hebben doorgevoerd in hun nationale wetgeving. In Nederland is dat de Wet huis voor klokkenluiders (WHvK). Het wetsvoorstel voor een vernieuwing van de WHvK moet nog ter goedkeuring naar de Tweede en Eerste Kamer. De aankomende wetswijziging betekent dat veel organisaties een klokkenluidersregeling moeten invoeren (tool) of hun bestaande regeling moeten herzien. De bestuurder kan zo’n regeling alleen invoeren, wijzigen of intrekken als de OR ermee heeft ingestemd. De OR moet er daarbij op letten dat de regeling aan de nieuwe richtlijn voldoet. Als de bestuurder zijn besluit om een meldregeling in te voeren, te wijzigen of in te trekken doorvoert zonder dat de OR daarmee heeft ingestemd, dan kan de OR het besluit van de bestuurder nietig verklaren.