Let op bij het aanbieden van werkervaringsplek

Sommige werkgevers bieden werkervaringsplekken aan. Als hierbij het leeraspect niet centraal staat, kan er juridisch gezien sprake zijn van een arbeidsovereenkomst. Een werknemer kan dan – afhankelijk van de omstandigheden – aanspraak maken op het wettelijk minimumloon.

30 augustus 2019 | Door redactie

Het onderscheid tussen 'echt' werk en een stage wordt bepaald door het leeraspect. Van een stage is sprake als een werknemer activiteiten verricht die hij nog niet helemaal onder de knie heeft en waarbij het leren centraal staat. Iemand kan ook stage lopen zonder dat hij een opleiding volgt bij een onderwijsinstelling.

Stagiair is toevoeging aan het team

De werkzaamheden van een stagiair zijn wezenlijk anders dan die van een ‘gewone’ werknemer. De activiteiten van een gewone werknemer zijn productief: ze zijn gericht op het behalen van omzet, het maken van winst, het bereiken van doelen enzovoorts. Een stage richt zich bij uitstek op leren en niet op werken. Een stagiair is ook een toevoeging aan het team en neemt normaal gesproken niet de plek van een gewone werknemer in.

Recht op minimumloon als leeraspect niet centraal staat

Gaat het om werk zonder dat daarbij het leeraspect centraal staat, dan is er juridisch gezien sprake van een arbeidsovereenkomst. De werknemer kan dan aanspraak maken op het wettelijk minimumloon. Als een werknemer vindt dat hij onderbetaald wordt voor een werkervaringsplek, kan hij zelf een klacht indienen bij Inspectie SZW. Inspectie SZW start dan een onderzoek. Betaalt een werkgever geen minimumloon terwijl er juridisch sprake is van een arbeidsovereenkomst, dan kan Inspectie SZW een boete opleggen aan de werkgever.

Opleidingsplan maken bij een werkervaringsplek

Biedt een werkgever een werkervaringsplek aan, dan doet hij dus verstandig aan om daarin het leeraspect te benadrukken. Dat begint bij de tekst van de personeelsadvertentie. Hij kan bijvoorbeeld ook een opleidingsplan maken en een mentor aanwijzen die de werknemer begeleidt. In het opleidingsplan legt de werkgever vast wat de werknemer bij aanvang kan, wat hij over een halfjaar moet kunnen, hoe hij de benodigde kennis en competenties kan verwerven en hoe dit na afloop wordt beoordeeld. Overigens bepalen uiteindelijk de feitelijke omstandigheden of er sprake is van een stage, werkervaringsplek of werk.