Aan competenties werken in een portfolio

In een portfolio brengt een medewerker zijn competenties in kaart en houdt hij zijn ontwikkeling systematisch bij. De werknemer neemt in het portfolio informatie op over zijn functioneren en leeractiviteiten en verzamelt concrete bewijzen daarvan.

26 juni 2013 | Door redactie

Tegenwoordig kiezen organisaties steeds vaker voor het digitale of e-portfolio. Het voordeel hiervan is dat de medewerker de informatie gemakkelijk kan actualiseren. Bovendien kan het portfolio meestal ook op afstand worden geraadpleegd of aangevuld. Een (e-)portfolio bestaat meestal uit de volgende onderdelen:

  • persoonlijke gegevens en feiten over gevolgde trainingen, opleidingen en de werkervaring van de medewerker;
  • vereiste competenties voor de functie;
  • het competentieniveau van de werknemer en de reflectie van de werknemer op zijn ontwikkeling;
  • de persoonlijke en organisatiedoelstellingen;
  • bewijzen in de vorm van certificaten, testresultaten, diploma’s en beoordelingen.

Tips voor reflectie in portfolio

Vooral de reflectie van de medewerker op zijn ontwikkeling bepaalt of het portfolio een bruikbaar instrument is. Een aantal tips die u de medewerker kunt geven ter ondersteuning van het reflectieproces:

  • Beschrijf jouw bijdrage aan een gebeurtenis of een project of de vaardigheden die je hebt opgedaan zo nauwkeurig mogelijk.
  • Beschrijf niet alleen je professionele ervaring maar ook de ervaring die je opdoet in je privéleven die relevant kan zijn voor jouw functioneren. Als je bijvoorbeeld voorzitter bent van een zangkoor, kan deze ervaring van pas komen bij het ontwikkelen van leidinggevende capaciteiten.
  • Geef het verband aan tussen de door jouw beschreven ervaringen en gebeurtenissen en beschrijf welke betekenis die hebben gehad voor je professionele en persoonlijke ontwikkeling. Wat zijn de voornaamste conclusies?
  • Geef aan of, en zo ja, hoe je de conclusies uit het vorige punt kunt inzetten bij nieuwe activiteiten en toekomstige projecten.