Crisisheffing hoge lonen mag ook van Europees Hof

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) heeft aangegeven dat het invoeren van de crisisheffing hoge lonen door de Nederlandse wetgever rechtmatig is geweest.

11 december 2017 | Door redactie

Werkgevers waren in 2013 en 2014 verplicht een pseudo-eindheffing hoge lonen (crisisheffing) af te dragen over de lonen van werknemers die in het voorgaande kalenderjaar boven de € 150.000 uitkwamen. Tegen deze aanslagen werd massaal bezwaar aangetekend. De Hoge Raad besliste eerder al dat de heffing niet in strijd was met de Europese regels. De fiscus gaf echter aan dat hij pas uitspraak op bezwaar tegen de crisisheffing van organisaties met een vaststellingsovereenkomst na het oordeel van het EHRM zou doen omdat er twee proefprocedures waren voorgelegd aan dit hof.

Bevoegdheid wetgever niet overschreden

Het EHRM heeft nu aangegeven dat de Nederlandse wetgever met het invoeren van de crisisheffing de hem toekomende bevoegdheid op het gebied van belastingwetgeving niet heeft overschreden. Ook geeft het hof aan dat de Nederlandse wetgever het evenwicht tussen het algemene belang en de bescherming van de individuele rechten van ondernemingen niet heeft verstoord. Het hof verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk.
EHRM, 7 december 2017, 46184/16, 47789/16, 19958/17

Bijlagen bij dit bericht