Diploma genoeg bewijs voor afdrachtvermindering onderwijs

Als een werkgever de afdrachtvermindering onderwijs heeft toegepast, hoeft hij niet te bewijzen dat werknemers aanwezig waren bij de praktijklessen als de werknemers een diploma of certificaat van het opleidingsinstituut gekregen hebben. Dat oordeelde de Hoge Raad onlangs.

2 oktober 2017 | Door redactie

Werkgevers mochten tot 1 januari 2014 afdrachtvermindering onderwijs toepassen als zij voldeden aan een aantal voorwaarden. Eén van die voorwaarden was dat de werknemer voor wie de afdrachtvermindering werd toegepast daadwerkelijk een opleiding gevolgd had. Omdat er aanwijzingen zijn dat werkgevers misbruik hebben gemaakt van de afdrachtvermindering onderwijs, voert de Belastingdienst nu controles uit.

Naheffingsaanslag voor de werkgever

Bij een rechtszaak over één van die controles oordeelde de Hoge Raad onlangs dat een diploma voldoende bewijs is dat een werknemer een opleiding gevolgd heeft. In deze zaak kreeg een werkgever een naheffingsaanslag opgelegd, omdat hij volgens de inspecteur van de Belastingdienst ten onrechte afdrachtvermindering onderwijs had toegepast in 2010 en 2011. Het ging daarbij om werknemers die een diploma ‘Chauffeur goederenvervoer’ behaald hadden en het praktijkgedeelte van die opleiding bij de werkgever gevolgd hadden. Volgens de werkgever waren de behaalde diploma’s voldoende bewijs. De kantonrechter was het daar mee eens, maar het gerechtshof niet. 

Hof had diploma’s niet mogen negeren

In cassatie ging de Hoge Raad wel mee in de redenatie van de werkgever. Hoewel de werkgever degene was die moest bewijzen dat de werknemers de opleiding gevolg hadden, had het hof eerder niet mogen negeren dat de werknemers diploma’s behaald hadden. De diploma’s bewezen volgens de raad dat de werknemers ook het praktijkgedeelte van de opleiding gevolgd hadden. Gerechtshof Amsterdam moet de kwestie opnieuw behandelen.
De Hoge Raad buigt zich momenteel overigens ook over de vraag of de inspecteur van de Belastingdienst een oordeel mag hebben over de kwaliteit van het onderwijsinstituut.
Hoge Raad, 22 september 2017, ECLI (verkort): 2438