VERDIEPINGSARTIKEL

Wat kunt u verwachten bij een naheffingsaanslag loonheffingen?

Bent u te laat met het indienen van een loonaangifte of bent u te laat met de betaling aan de Belastingdienst, dan is er sprake van verzuim. U kunt dan van de Belastingdienst een verzuimmededeling krijgen. In sommige situaties krijgt uw organisatie zelfs te maken met een naheffingsaanslag of een boete. Wanneer kunt u een naheffingsaanslag op de mat vinden en wat staat u dan eigenlijk precies te wachten?


9 september 2019 4 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement online.


De Belastingdienst ziet het doen van de loonaangiften en het betalen van de afdrachten als twee aparte handelingen. Als hij tijdens een controle van uw loonaangiften moet vaststellen dat u geen, of een onjuiste loonaangifte heeft gedaan en dus niet of te weinig heeft betaald, kan uw organisatie dubbel op de vingers getikt worden. Ten eerste kunt u voor het nalaten van het indienen van de loonaangifte een boete van € 65 krijgen. Als blijkt dat u hem dan ook niet heeft betaald, kunt u ten tweede rekenen op een naheffingsaanslag. De fiscus eist dan nog eens 3% van het bedrag dat uw organisatie nog is verschuldigd. Er geldt voor een naheffingsaanslag wel een minimum van € 50 en een maximum van € 5.278.

Laat

Heeft u wel loonaangifte gedaan en betaald, maar deed u dat pas na de uiterste betaaldatum, dan bent u dus te laat. Ook dan kunt u in sommige gevallen een aangifteverzuimboete van € 65 krijgen. Daarnaast kunt u voor het te laat betalen ook weer geconfronteerd worden met een naheffingsaanslag van 3%, net zoals bij het niet betalen van de loonaangifte. U krijgt veertien kalenderdagen de tijd om een naheffingsaanslag te betalen.

Coulancetermijn

Soms hoeft uw organisatie geen naheffingsaanslag of betaalverzuimboete te verwachten. De Belastingdienst hanteert namelijk een coulancetermijn van zeven kalenderdagen. De weekenddagen tellen dus mee. Bent u met de betaling nog binnen de coulancetermijn, dan krijgt u geen boete als u de betaling van de vorige aangifteperiode wel op tijd en juist heeft gedaan. Als u bij het vorige tijdvak ook al een betaling na de uiterste betaaldatum heeft gedaan – al dan niet binnen de coulancetermijn, krijgt u deze keer wel een boete en een naheffingsaanslag.

Correctie

Ook als u correctieberichten heeft ingezonden over vorige jaren, kunt u soms een naheffingsaanslag krijgen. Als u een losse correctie indient, berekent de Belastingdienst het verschil tussen de juiste betaling en de betaling die fout was berekend. Blijkt uit die berekening dat uw organisatie de Belastingdienst geld verschuldigd is, dan krijgt u een naheffingsaanslag. Latere aangiften moet u misschien ook corrigeren, aangezien de gecorrigeerde bedragen in de verbeterde loonaangifte invloed hebben op latere loonaangiften. Dat komt doordat de premies werknemersverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (ZVW) worden berekend via de methode van het voortschrijdend cumulatief rekenen (VCR). Een fout in een eerdere loonaangifte kan u dus opzadelen met veel extra kosten – zie het tweede kader hieronder.

Naheffingsaanslag in de vorm van eindheffing

Een naheffingsaanslag heeft standaard de vorm van eindheffing. De eindheffingsbestanddelen zijn echter óók loon voor de werknemersverzekeringen en ZVW, wat bij andere vormen van bij eindheffing niet het geval is. U draait op voor de verschuldigde loonbelasting/premie volksverzekeringen. De fiscus gebruikt voor het bepalen van de naheffingsaanslag de eindheffingstabellen die golden op het moment van de gecorrigeerde loonaangiften. U kunt deze tabellen ook zelf vinden in het Handboek Loonheffingen (van het betreffende jaar).

Bezwaar

De Belastingdienst stuurt uw organisatie een informatieverzoek over een loonaangifte als hij vermoedt dat u te weinig loonheffingen heeft betaald. Als u niet aan het verzoek meewerkt, kan de fiscus u uiteindelijk een zogenoemde informatiebeschikking sturen. Werkt u ook niet mee aan de informatiebeschikking, dan zal de Belastingdienst u een correctieverplichting opleggen. Daarnaast krijgt u een naheffingsaanslag voor de vermoedelijk te weinig afgedragen loonheffingen. U kunt tegen deze informatiebeschikking bezwaar maken als u het niet eens bent met de Belastingdienst. Een fout in een eerdere loonaangifte levert u een hoop extra werk op. Een naheffing zou u ook juist werk uit handen kunnen nemen. Het kan voor u namelijk soms onevenredig veel werk zijn om correcties voor alle werknemers op werknemersniveau te verwerken. Via een naheffingsaanslag kunt u in één klap alle loonheffingen voldoen, zonder dat u de individuele werknemersgegevens hoeft te corrigeren. Als u de Belastingdienst kunt uitleggen dat het niet corrigeren op werknemersniveau geen onevenredige nadelen heeft voor de werknemers, kunt u zelf juist om een naheffingsaanslag verzoeken.

Verhaalbaar

De eindheffingsbestanddelen van een naheffingsaanslag zijn belast loon voor alle loonheffingen. De loonbelasting/ premie volksverzekeringen, de premies werknemersverzekeringen, de werkgeversheffing ZVW of de werknemersbijdrage ZVW komen voor uw rekening, nu het als eindheffing wordt geheven – zie het kader hierboven. Op deze regel bestaat echter één uitzondering. De heffing van premies werknemersverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage ZVW blijft achterwege, als u eindheffing had moeten of kunnen toepassen. Dat geldt voor de volgende zaken:

  • verstrekkingen aan anderen dan de werknemers;
  • goederen en diensten in de promotionele sfeer;
  • voordelen uit spaarsystemen voor anderen dan de werknemers;
  • doorlopend afwisselend gebruik bestelauto’s.

In deze situaties kunt u de fiscus ook niet verzoeken om een verhaalbare naheffingsaanslag. Deze zaken hadden nu eenmaal niet als loon voor de loonheffingen verwerkt kunnen worden.

Gunstig

De Belastingdienst kan van mening zijn dat de naheffing verhaald moet worden op de werknemers. Eindheffing zou soms namelijk kunnen leiden tot onbedoelde financiële voordelen voor bepaalde werknemers, zoals een gunstiger tarief of hogere toeslag. Dat is natuurlijk niet de bedoeling. In deze gevallen bent u dus juist verplicht om een loonaangifte per werknemer te corrigeren. U komt daar niet onderuit!

Op rendement.nl/salaristools vindt u de aangiftetijdvakken voor dit jaar voor tijdvakken van een maand, vier weken, een halfjaar en een heel jaar.

Een foutje kost u veel geld

Een voorbeeld: uw organisatie heeft een werknemer jonger dan de AOW-leeftijd met een jaarloon tussen de € 20.143 en € 33.994 in 2018 ten onrechte een onbelaste kostenvergoeding gegeven van € 500. Dit gaat uw organisatie via een naheffingsaanslag dan gemiddeld genomen € 345 kosten. Het tabeltarief voor eindheffing in 2018 was namelijk 69%. Dan moet u nog de premies werknemersverzekeringen en werkgeversheffing ZVW corrigeren – voor zover het maximumpremie- en maximumbijdrage loon nog niet is bereikt.