Levensloop werkt eigenlijk nog hetzelfde

Ook al bevindt de levensloopregeling zich in een sterfhuisfase, voor wie op 31 december 2011 een levensloopsaldo van € 3.000 had, is er eigenlijk niet veel veranderd. Werknemers kunnen tot 2022 nog altijd sparen van hun brutoloon en het tegoed opnemen om een periode van onbetaald verlof te overbruggen.

13 augustus 2019 | Door redactie

Sinds 2012 kunnen werknemers al niet meer instappen in de levensloopregeling. Maar als een werknemer vóór 2012 al een tegoed op zijn levenslooprekening had opgebouwd van minimaal € 3.000 (inclusief het rendement over 2011) en dat toen nog niet had opgenomen, kan hij vandaag de dag nog steeds gewoon doorsparen.

Levenslooptegoed inzetbaar voor ieder doel

De regels voor de opbouw zijn verder niet veranderd. Net als altijd is het voor deze werknemers toegestaan om per jaar via de werkgever maximaal 12% van het brutoloon te sparen, met een totaal van maximaal 210% van het bruto jaarloon. De werknemer kan dit tegoed net als voorheen gebruiken om ouderschapsverlof, langdurend zorgverlof, prepensioen of een sabbatical mee te bekostigen. Maar hij mag zijn levenslooptegoed nu ook (volledig of gedeeltelijk) inzetten voor een willekeurig ander doel. 

Geen levensloopverlofkorting meer opgebouwd

Werknemers bouwen sinds 2012 geen levensloopverlofkorting meer op over de inleg in de regeling. Bij opname van levenslooptegoed moet de werkgever deze extra heffingskorting van € 215 per spaarjaar nog wel verrekenen voor de jaren vóór 2012 waarin de werknemer levenslooptegoed heeft gespaard.

Levensloopregeling per 2022 voltooid verleden tijd

De overgangsregeling die bestaande levensloopspaarders in de gelegenheid stelt om nog door te sparen, duurt nog tot en met 31 december 2021. Per 1 januari 2022 is de levensloopregeling voltooid verleden tijd.