Werknemers houden in 2018 iets meer loon over

Uit het jaarlijkse overzicht dat de Tweede Kamer heeft ontvangen over de ontwikkeling van de loonstrookjes en de koopkracht per 2018 blijkt dat de meeste werknemers op de loonstrook onder aan de streep iets meer overhouden.

22 december 2017 | Door redactie

De Tweede Kamer krijgt elk jaar rond deze tijd van het kabinet een overzicht van de loonstrookjes (tool) en de koopkrachteffecten voor het komende jaar. Hiervoor baseert de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zich op de Decemberraming van het Centraal Planbureau (CPB). Uit de Kamerbrief Loonstrookjes en koopkracht 2018 (pdf) blijkt dat er per 2018 voor de meeste werknemers een hoger nettoloon op de loonstrookjes komt te staan. Alleen de laagste lonen gaan er licht op achteruit op de loonstrook.

Salaris en jaarloon 2018

Geen rekening gehouden met salarisstijgingen

Met eventuele salarisstijgingen – die in veel organisaties per januari worden doorgevoerd – is in dit overzicht geen rekening gehouden. In dat geval ziet het loonstrookje er nog rooskleuriger uit. Dat het nettoloon hoger uitvalt, komt met name door de indexering van de heffingskortingen (tool). Werknemers die de loonheffingskorting laten toepassen, hoeven daardoor minder belasting te betalen en houden dus meer over.
Ook is de derde schijf van de loon- en inkomstenbelasting per 2018 met € 995 verlengd, waardoor werknemers pas later in het toptarief vallen.

Hogere toeslagen voor lagere inkomens

Wat op de loonstrook niet te zien is, is dat werknemers met een lager inkomen in 2018 meer toeslagen krijgen als aanvulling op hun inkomen. De zorgtoeslag en het kindgebonden budget worden niet alleen geïndexeerd, maar stijgen nog extra. Ook de kinderopvangtoeslag valt in 2018 hoger uit. Toeslagen worden op voorschotbasis uitgekeerd, dus de hogere bedragen worden al per december 2017 uitbetaald.