VERDIEPINGSARTIKEL

Gevolgen aanpassing premieheffing voor arbeidsongeschiktheidsfonds

De overheid wil kleine werkgevers verder tegemoetgekomen qua lasten rond ziek personeel. Ditmaal staat er een verlaging van de premie voor het arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof) op het programma, per 2022.

Middelgrote en grote werkgevers gaan volgend jaar juist iets meer Aof-premie betalen. Er wordt dus per 2022 een systeem van differentiatie van de Aof-premie ingevoerd. Wat houdt dit precies in?


8 september 2021 6 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online en is geschreven door Lotte van Rees, freelance specialist loonheffingen en oud-hoofdredacteur van Salaris Rendement


Op dit moment betalen alle inhoudings­plichtigen dezelfde premie voor het arbeidsongeschiktheidsfonds: 7,53% basispremie Aof (percentage 2021). Deze premie bestaat uit een deel IVA-premie, een deel WGA-premie en een opslag voor de kosten van kinderopvang.

Per 1 januari 2022 komt er een aparte Aof-premie voor kleine werkgevers en overige werkgevers.

Drie categorieën voor de gedifferentieerde Whk-premie

In het besluit Wet financiering sociale verzekeringen (WFSV) wordt vastgelegd welke werkgevers voor de Aof-premie als kleine werkgever gaan kwalificeren en welke werkgevers als (middel)grote werkgever. Bij dit onderscheid wordt aangesloten bij de wijze waarop werkgevers voor de premie werkhervattingskas (Whk) worden onderverdeeld.

Op dit moment zijn er voor de gedifferentieerde Whk-premie drie categorieën:

  • kleine werkgevers: fiscale loonsom van maximaal € 346.000;
  • middelgrote werkgevers: fiscale loonsom van meer dan € 346.000 maar maximaal € 3.460.000;
  • grote werkgevers: fiscale loonsom van meer dan € 3.460.000.

Qua fiscale loonsom wordt gekeken naar de loonsom van twee jaar terug, dus in dit geval die over 2019. De grenzen tussen de categorieën liggen op 10 en 100 maal het gemiddeld premieplichtig loon per werknemer per jaar. Dat gemiddelde heeft het Centraal Planbureau (CPB) voor dit jaar vastgesteld op € 34.600.

UWV bepaalt in welke categorie uw onderneming valt en geeft dit door aan de Belastingdienst. De fiscus stuurt vervolgens een mededeling (bij kleine werkgevers) of beschikking (bij (middel)grote werkgevers) met daarin de van toepassing zijnde Whk-premie. In het geval dat uw onderneming een beschikking van de fiscus ontvangt, staat hiertegen bezwaar open als u het niet eens zou zijn met de categorie waarin u bent ingedeeld.

Nog meer maatregelen rond ziek personeel

De differentiatie van de Aof-premie is onderdeel van een pakket aan maatregelen om de loondoorbetalings- en re-integratieverplichting bij ziekte makkelijker, duidelijker en goedkoper te maken. Het is één van de twee maatregelen waarvoor een wetswijziging nodig is. De andere maatregel waarvoor dat nodig is, is het leidend maken van het advies van een bedrijfsarts over de belastbaarheid van de werknemer bij de UWV-toets op de re-integratie-inspanningen.

Deze maatregel wordt in een apart wetsvoorstel geregeld. Andere maatregelen – waarvoor dus geen wetswijziging nodig is (was) – zijn bijvoorbeeld de per 2020 geïntroduceerde MKB verzuim-ontzorgverzekering, verbetering van de communicatie over het thema loondoorbetaling en werkhervatting bij ziekte en versteviging van de rol van de zieke werknemer tijdens de loondoorbetalingsperiode.

Grens tussen de twee categorieën

Zoals gezegd gaan er voor de gedifferentieerde Aof-premie slechts twee categorieën gelden: kleine werkgevers en overige werkgevers. De grens tussen deze twee categorieën komt te liggen op een fiscale loonsom (van twee jaar ervoor) van 25 maal het gemiddeld premieplichtig loon per werknemer per jaar.

Dit zou voor 2021 dus een bedrag van € 865.000 aan fiscale loonsom over 2019 betekenen. Bij een fiscale loonsom tot en met dit bedrag geldt uw onderneming als kleine werkgever voor de Aof-premie en bij een fiscale loonsom daarboven geldt u als (middel)-grote werkgever.

Ook voor de gedifferentieerde Aof-premie wordt het UWV die berekent of een werkgever als klein of (middel)-groot kwalificeert, wat vervolgens wordt doorgegeven aan de Belastingdienst. De fiscus zal dan tegelijkertijd bij de voor de gedifferentieerde Whk-premie te versturen mededeling of beschikking aangeven in welke categorie de werkgever voor de gedifferentieerde Aof-premie valt. In het geval dat uw onderneming een beschikking ontvangt, kunt u dus ook tegen deze indeling bezwaar maken.

Categorieën voor de Whk-premie worden aangepast

Om het systeem van premiedifferentiatie voor de Aof en Whk gelijk te trekken, zullen de categorieën voor de Whk-premie worden aangepast. Voor kleine werkgevers zal qua Whk-premie worden aangesloten bij de grens voor de Aof-premie.

Geen verschil tussen de categorieën werkgevers

De grens van de categorie kleine werkgevers wordt voor de Whk dus per 2022 opgerekt naar maximaal 25 maal het gemiddeld premieplichtig loon per werknemer per jaar. Door deze aanpassing is er straks dus geen verschil tussen de categorieën werkgevers voor de Whk-premie en voor de Aof-premie. Dat maakt het wel zo praktisch uitvoerbaar en duidelijk voor alle partijen.

Bovendien levert verruiming van deze categorie een verbetering op van de premiesystematiek van de Whk-premie.

Toekenning van één WGA- of ZW-uitkering

Het is nu namelijk zo dat toekenning van één WGA- of ZW-uitkering aan de organisatie een grote impact heeft bij middelgrote werkgevers, terwijl de gemiddelde WGA- of ZW-kans relatief laag is. Het schadeverleden van een middelgrote werkgever is hierdoor slechts in zeer geringe mate representatief voor het risico van die werkgever.

Bij toekenning van één WGA- of ZW-uitkering zou een middelgrote werkgever meteen een hoog risico hebben op WGA of ZW, terwijl die werkgever misschien al jaren ervoor geen WGA- of ZW-toekenning heeft gehad.

Door verhoging van de grens tussen de categorie kleine en middelgrote werkgevers sluit de premie beter aan op het risico van beide categorieën en is de premie stabieler. Door de verhoging naar 25 maal het gemiddeld premieplichtig loon per werknemer per jaar neemt de individuele toerekening van werkgevers met een premieplichtig loon tussen de 10 en 100 maal het gemiddeld premieplichtig loon per werknemer namelijk af.

Bovendien sluit dit beter aan bij de praktijk van private verzekeraars, die pas bij een veel hogere grens dan 10 maal het gemiddelde premieplichtig loon per werknemer een individuele premie heffen.

De aanstaande invoering van de gedifferentieerde Aof-premie vraagt om een aanpassing van uw salarissoftware. U moet straks immers kunnen invullen welk Aof-premiepercentage van toepassing is.

Gevolgen in de praktijk

Stel dat een werkgever premies werknemersverzekeringen moet betalen over een totaal sv-loon van € 36.000 per maand. Dit zou een premieplichtig loon van € 432.000 per jaar opleveren waardoor deze werkgever als kleine werkgever geldt. Op dit moment zou de werkgever € 2.710,80 per maand aan Aof-premie zijn verschuldigd. In de nieuwe situatie per 2022 zou deze werkgever ongeveer 1 %-punt minder aan premie Aof betalen, wat hem een besparing oplevert van zo’n € 360 per maand.

Gaat het echter om een (middel)grote werkgever, dan stijgen zijn premiekosten voor de Aof per 2022 met ongeveer 0,1 %-punt. Heeft de werkgever bijvoorbeeld een sv-loon van € 900.000 per maand dan levert dat maandelijks een extra kostenpost op van € 900.

Besparing voor kleine werkgevers

De overheid heeft voor deze lastenbesparing voor kleine werkgevers een budget van € 450 miljoen uitgetrokken. De Aof-premie zal voor 2022 voor kleine werkgevers dan ook zo worden vastgesteld dat zij in totaal een premiebesparing hebben van € 450 miljoen ten opzichte van de situatie dat zij dezelfde premie zouden betalen als (middel)grote werkgevers.

Hierdoor zal de Aof-premie voor 2022 ten opzichte van dit jaar voor kleine werkgevers dalen met ongeveer 1 %-punt. Voor (middel)grote werkgevers zal de premie met ongeveer 0,1 %-punt stijgen per 2022. Dit laatste geldt ook voor werknemers die zich via UWV vrijwillig voor de WAO en WIA hebben verzekerd. Het verschil in Aof-premie tussen beide categorieën werkgevers zal zo’n 1,1 %-punt bedragen.

In 2023 kan worden bepaald hoe het genoemde budget voor 2022 is benut. Eventuele over- of onderschrijding zal doorwerken in vaststelling van de gedifferentieerde Aof-premie voor het jaar erna.

Reden tegemoetkoming voor kleine werkgevers

Vooral kleine werkgevers blijken knelpunten te ervaren bij de loondoorbetalingsplicht bij ziekte van werknemers en de re-integratieverplichtingen en bijbehorende kosten. Zij ervaren de totale kostenpost als disproportioneel ten opzichte van grote(re) werkgevers, die dezelfde verplichtingen en kosten hebben als kleine werkgevers.

Grote(re) werkgevers hebben vaak meer mogelijkheden om aan de verplichtingen te voldoen en bij kleine werkgevers ontbreekt het vaak ook aan kennis en ervaring rond ziekteverzuim. Het kabinet heeft daarom besloten om kleine werkgevers tegemoet te komen in die kosten. De tegemoetkoming – in de vorm van een premiebesparing – kan dan worden ingezet voor bijvoorbeeld een MKB verzuim-ontzorgverzekering. Meer las u al in Salaris Rendement 9-2020.