Werknemer krijgt na twee jaar al vast contract

17 april 2013 Door redactie

Het kabinet en de sociale partners hebben in het sociaal akkoord afspraken gemaakt over een nieuwe balans tussen flexibiliteit en zekerheid. Dat moet ervoor zorgen dat flexwerkers sneller zekerheid krijgen over hun baan. Daarom wordt de ketenbepaling verkort en mag u geen proeftijd meer opnemen in contracten van zes maanden of korter.

Organisaties zetten steeds vaker flexwerkers in. Zo kunnen zij zich snel aanpassen aan veranderingen. Is er tijdelijk meer werk voorhanden, dan kunnen flexwerkers deze tijdelijke drukte opvangen. De laatste tijd is de flexibele arbeidsrelatie echter gebruikt als alternatief voor een vast contract. Op die manier ontwijken werkgevers regels over ontslagbescherming en cao-bepalingen. In het sociaal akkoord zijn nu maatregelen afgesproken om schijnconstructies te voorkomen en de positie van de flexwerker te versterken.

Kabinet wil ketenbepaling aanpassen

Op dit moment hebben werknemers recht op een vast contract na drie tijdelijke contracten of na verloop van drie jaar. Per 1 januari 2015 wordt de ketenbepaling gewijzigd. U kunt een werknemer dan nog steeds maximaal drie tijdelijke contracten geven, maar de duur van de ketenbepaling is dan nog slechts twee jaar. Zitten er zes maanden of meer tussen twee tijdelijke contracten, dan begint de ketenbepaling opnieuw. Nu is dat na drie maanden. Afwijking van de ketenbepaling in de cao is mogelijk maar het aantal contracten bedraagt maximaal zes in een periode van vier jaar. De nieuwe regeling geldt overigens niet voor jongeren onder de 18 jaar met een contract voor 12 uur of minder.

Geen bijzondere ontslagregels voor payrolling

In het sociaal akkoord staan nog meer maatregelen over flexibele arbeidsrelaties. U mag bijvoorbeeld geen proeftijd meer opnemen in een arbeidsovereenkomst van zes maanden of korter. In een tijdelijk contract mag u geen concurrentiebeding opnemen tenzij er bijzondere omstandigheden zijn en in de zorg mogen geen nulurencontracten meer worden gesloten. Bovendien moeten uitzend- en payrollconstructies transparanter worden en gelden er straks voor payrolling geen bijzondere ontslagregels meer.
Ook komt met de plannen uit het sociaal akkoord de arbeidsverledeneis voor de Ziektewet – die per 1 januari 2014 zou worden ingevoerd – te vervallen. Door die eis niet in te voeren, behouden werknemers met een tijdelijk contract recht op een Ziektewetuitkering die in hoogte vergelijkbaar is met werknemers in vaste dienst.