Tussentijds stoppen met OR-werk kan

Een OR-lid dat voortijdig wil stoppen met zijn medezeggenschap loopt vaak tegen onzekerheid aan. Hij vraagt zich af of hij wel zomaar kan stoppen of dat daar een goede reden voor moet zijn, zoals dat hij de organisatie verlaat. En dan is er ook nog het onbegrip bij zijn mede-raadsleden…

17 september 2010 | Door redactie

Een gemiddelde zittingstermijn van de OR-leden duurt drie jaar. Daar kan van afgeweken worden naar twee of vier jaar, als dat vastligt in het reglement. Het komt regelmatig voor dat een OR-lid de gekozen periode niet volmaakt, bijvoorbeeld doordat hij een andere baan buiten de organisatie krijgt of doordat hij met pensioen gaat. Maar uw raad moet ook inzien dat iemand kan stoppen met de medezeggenschap terwijl hij zijn gewone baan nog blijft doen, als hij er gewoon geen zin meer in heeft.

Opstappen niet nodig

In de Wet op de ondernemingsraden, art. 12 lid 4 staat dat een OR-lid te allen tijde vrijwillig ‘ontslag' kan nemen van het OR-werk. Hij moet een schriftelijke kennisgeving aan de voorzitter van de OR en aan de bestuurder sturen. Wel is het verstandig om voorafgaand aan het ontslag nog eens goed met de ondernemingsraad te praten over de redenen. Voelt het lid zich niet gewaardeerd of vindt hij het werk zinloos? Misschien kunt u het samen oplossen en is opstappen niet nodig. Maar probeer hem niet te veel te pushen in zijn keuze: u wilt zelf natuurlijk ook goed gemotiveerde mensen in uw raad.