Nieuwe franchisewet naar Tweede Kamer

Het kabinet heeft het langverwachte wetsvoorstel voor de franchisesector naar de Tweede Kamer gestuurd. Het idee van de wet is nog steeds om franchisenemers een sterkere positie te geven. Maar ten opzichte van een eerder concept is er wel geluisterd naar een paar kritiekpunten van franchisegevers.

12 februari 2020 | Door redactie

Franchising is een vorm van samenwerking die vooral bij winkels veel voorkomt. De franchisegever richt zich helemaal op het winkelconcept. De franchisenemer houdt zich bezig met het dagelijkse wel en wee van de winkel. Het voordeel voor de ondernemer is dat hij – als het goed is – kan leunen op een beproefde formule die klanten aantrekt.

Welke informatie moet de franchisenemer krijgen?

Franchising is populair in Nederland. De sector draait jaarlijks een omzet van ruim € 50 miljard. Maar de samenwerking heeft de afgelopen jaren ook voor heibel gezorgd. Daarbij klagen franchisenemers bijvoorbeeld dat franchisegevers te veel wijzigingen in afspraken mogen opleggen.
De wet is daarom bedoeld om de ‘machtsbalans’ tussen franchisenemer en franchisegever te herstellen. De meeste maatregelen stonden al in het eerdere concept van het wetsvoorstel. Zo schrijft de wet voor welke informatie de franchisegever in elk geval aan de beoogde franchisenemer moet verstrekken. Daarnaast worden er eisen gesteld om een zogeheten non-concurrentiebeding geldig te laten zijn. Zo’n beding voorkomt dat de franchisenemer uit de formule stapt en een week later voor een andere keten aan de slag gaat. Eén van de eisen is dat zo’n beding uiterlijk 1 jaar na afloop van de franchiseovereenkomst moet eindigen.

Overgangstermijn van 2 jaar voor bestaande contracten

In het wetsvoorstel (doc) staat nu ook een concrete overgangstermijn voor overeenkomsten die zijn gesloten vóór de wet in werking is getreden. Op die contracten zijn de nieuwe regels na 2 jaar ook van toepassing. Ten opzichte van het eerdere concept zijn sommige voorschriften voor franchisegevers wel iets minder gedetailleerd geworden.
De wettelijke regeling is al langer een twistappel tussen beide kampen. Maar nu laat ook de Nederlandse Franchise Vereniging (NFV), de vereniging van franchisegevers, een overwegend positief geluid horen. De NFV wil nog wel een ‘verduidelijking’ van het ‘dwingendrechtelijke karakter’ van de wet. Dat wil zeggen dat in contracten alleen maar mag worden afgeweken als het in het voordeel is van de franchisenemer. Het Vakcentrum, een belangenvereniging van franchisenemers, blijft positief. ‘Een minimumpakket dat zo snel mogelijk moet worden ingevoerd’, aldus het persbericht.
Het wetsvoorstel komt waarschijnlijk 18 februari voor het eerst aan bod in de Tweede Kamer.

Bijlagen bij dit bericht

Werken met overeenkomsten
E-learning | VideoCollege 33 minuten
Begroten omzet
E-learning | VideoCollege 32 minuten
Omzet voorspellen met Excel
Tools | Rekentools