VERDIEPINGSARTIKEL

Samenwerken gaat flexibeler in een vof of maatschap dan in een nieuwe bv

De bv is er voor ondernemers in het mkb, de nv voor multinationals, de coöperatie is voor boeren en de maatschap is voor advocaten. Heel grof samengevat klopt dit traditionele rijtje wel, maar het is niet handig om in hokjes te denken.

Deze rechtsvormen hebben allemaal hun eigen voors en tegens. Bovendien zijn combinaties mogelijk. Zo kan uw bv vennoot zijn in een vennootschap onder firma (vof), of maat in een maatschap.


25 augustus 2020 5 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online en is geschreven door Bert van Mieghem van Wybenga Advocaten, e-mail: vanmieghem@wybenga-advocaten.nl, www.wybenga-advocaten.nl


U zult niet zo snel geneigd zijn uw bv om te zetten in een andere rechtsvorm. Daar schiet u ook niet veel mee op. En veel keus is er niet als u maar alleen bent.

Een eenmanszaak biedt bij een winst tot € 120.000 à € 150.000 fiscale voordelen boven een bv. Maar met een eenmanszaak bent u ook persoonlijk aansprakelijk  voor de schulden van de onderneming.

In theorie kunt u ook nog een nv oprichten. Dat is handig als u de aandelen ooit op grote schaal wilt kunnen verhandelen, bijvoorbeeld aan de beurs. Verder heeft een nv vooral nadelen.

De bv is in 2012 gemoderniseerd en geflexibiliseerd, maar dat moet bij de nv nog steeds gebeuren. Kortom: onderneemt u alleen, dan is een bv de aangewezen rechtsvorm.

Maar als uw bv een samenwerkingsverband aangaat met andere ondernemingen of als u zelf nieuwe activiteiten ontplooit samen met anderen, is het niet per se handig om dat óók in de vorm van een bv te doen.

Aansprakelijkheid voor schulden

Het grote voordeel van een bv is natuurlijk dat u in principe alleen met het vermogen van de bv aansprakelijk bent voor schulden. Uw privévermogen blijft veilig.

De vennoten in een vof en maten in een maatschap zijn wel met hun hele privévermogen aansprakelijk. Daar staan natuurlijk ook voordelen tegenover, anders zou er niemand meer kiezen voor een maatschap of een vof.

Bovendien is het gevaar van aansprakelijkheid met het privévermogen gemakkelijk op te lossen. Als de maat of vennoot een mens is, is deze met zijn hele vermogen aansprakelijk.

Maar als deze persoon er een bv ‘tussenschuift’ en dus de bv maat of vennoot laat zijn, dan is alleen maar de bv met haar hele vermogen aansprakelijk. Dat vermogen van de bv is zo groot als u zelf wilt. Eén eurocent is in principe genoeg.

Voordelen maatschap en vof

Iedere bv is tegenwoordig weliswaar een ‘flex-bv’, maar een bv is lang niet zo flexibel als bijvoorbeeld een vof. Bij een bv kunt u wel een afwijkende verdeling van de winst regelen, maar dat is een enorm administratief gedoe. Bij een vof schrijft u gewoon zelf op een half A4’tje wat u wilt met de winstverdeling.

Een ander voordeel van een maatschap en een vof is dat de deelnemers gemakkelijk kunnen toetreden en uittreden. Daar is niet, zoals bij een bv, elke keer een notaris voor nodig. U spreekt zelf af of en hoe nieuwe partijen toetreden. U kunt een maatschap of vof bovendien gewoon zelf oprichten, ook daar is geen notaris voor nodig. Een inschrijving in het Handelsregister is genoeg.

Dit alles geldt dus ook als een bv toetreedt als maat of vennoot. Bv’s worden opgericht bij de notaris, maar mogen vervolgens op eigen houtje een vof oprichten. Of toetreden tot een al bestaande vof of maatschap.

Verschil tussen maatschap en vof

Als u met andere ondernemingen samenwerkt in een nieuwe bv,  moet die bv zelf belasting betalen over de winst. In een maatschap of een vof hoeft dat niet.

Die rechtsvormen zijn fiscaal transparant. Dit betekent dat niet de maatschap of vof de belasting betaalt, maar de deelnemers. Dat kan praktisch zijn als u bijvoorbeeld samen met een paar andere bv’s een project wilt doen zonder meteen fiscaal verbonden te worden.

Of u in dat geval moet samenwerken in een maatschap of in een vof, hangt af van uw activiteiten. Gaat het om het uitoefenen van een ‘bedrijf’ (in de landbouw, de industrie of de bouw bijvoorbeeld) dan wordt samengewerkt in een vof.

Uitoefenaars van een ‘beroep’ (tandartsen, advocaten) werken samen in een maatschap. De gedachte hierachter is dat de werkzaamheden van beroepsbeoefenaars een persoonlijk karakter hebben, terwijl het bij een bedrijf niet zo veel uitmaakt wie precies het werk uitvoert.

Dit verschil is niet meer helemaal van deze tijd en het is vaak niet zo makkelijk om vast te stellen of u een beroep of een bedrijf uitoefent.

Gehele of gedeeltelijke aansprakelijkheid

Tegelijkertijd maakt het wél uit, want er is een groot verschil tussen de aansprakelijkheid van maten en vennoten.

Als een vof van vier glazenwassers een schuld heeft van een ton, zijn alle vennoten aansprakelijk voor het volledige bedrag. De schuldeiser kan kiezen wie hij aanspreekt. Sterker nog: als een vijfde glazenwasser toetreedt, is hij óók meteen aansprakelijk voor een ton.

Bij een maatschap van vier notarissen met een schuld van een ton, kan de schuldeiser de individuele maten alleen maar aanspreken voor maximaal 25% van de schuld. Al moet gezegd: bij belastingschulden kan de fiscus alle maten voor het hele bedrag hoofdelijk aansprakelijk stellen.

Richt daarom als het even kan een maatschap op en geen vof. In het ergste geval krijgt u van schuldeisers het verwijt dat uw maatschap een verkapte vof is en de maten dus volledig aansprakelijk zijn.

De schuldeiser moet dan aantonen dat u een bedrijf uitoefent en geen beroep. Dat is bij veel activiteiten niet zo zwart-wit, en juristen zijn het er ook wel over eens dat dit onderscheid achterhaald is.

Het voordeel van een maatschap is overigens nog maar van korte duur. Het kabinet wil namelijk het verschil tussen de vof en de maatschap per 1 januari 2021 opheffen (zie het kader).

Kabinet wil maat en vennoot vanaf 1 januari 2021 juridisch gelijktrekken

Het kabinet wil het onderscheid tussen maatschap en vof opheffen. De verschillende termen blijven nog wel bestaan, maar het juridische voordeel dat een maatschap nu nog heeft voor de maten verdwijnt.

De maatschap wordt dus eigenlijk, van de ene op de andere dag, een vof. In het eerder gepubliceerde wetsvoorstel staat namelijk niets over een overgangstermijn. Daardoor is een maat in een maatschap dus plotseling aansprakelijk voor een veel grotere schuld.

Anderzijds moeten maatschap en vof ook een rechtspersoon worden, waardoor bijvoorbeeld het eigendom van vastgoed overgaat van de vennoot naar de vennootschap.

Of het daadwerkelijk lukt om deze verandering in te voeren op 1 januari 2021 is zeer de vraag. Een eerdere poging om deze wetgeving te moderniseren is na jarenlange voorbereidingen mislukt.

Coöperatie is aantrekkelijker

Een coöperatie is voor wat betreft de persoonlijke aansprakelijkheid van de leden nog weer wat aantrekkelijker dan een maatschap, en blijft dat ook na 1 januari 2021.

Bij een coöperatie U.A. (uitgesloten aansprakelijkheid) zijn de individuele leden helemaal niet aansprakelijk voor schulden van de coöperatie. Bovendien is een coöperatie een rechtspersoon.

Waar een maatschap eigenlijk alleen een samenwerkingsovereenkomst is tussen de maten, is een coöperatie zelf iets. Daarom kan een coöperatie bijvoorbeeld onroerend goed bezitten.

Ook dit gaat overigens veranderen per (hopelijk) 1 januari. Een maatschap krijgt dan wel rechtspersoonlijkheid en wordt op dat punt dus iets aantrekkelijker, maar nog niet zo aantrekkelijk als de coöperatie U.A.

Kijk niet naar het imago

Als u een rechtsvorm kiest voor een samenwerkingsverband, kijk dan niet naar de beroepsgroepen die de rechtsvorm van oudsher gebruiken, maar naar de specifieke voor- en nadelen, ook na de voorgenomen wetswijziging.

Aan een coöperatie kleeft misschien het imago van melkveehouders, maar u heeft uiteindelijk meer aan uitgesloten aansprakelijkheid dan aan een ‘chique’ rechtsvorm.