Eerste Kamer stemt in met Verzamelwet SZW 2021

De Eerste Kamer heeft zich achter het wetsvoorstel voor de Verzamelwet SZW 2021 geschaard. Daardoor worden in 2021 diverse kleine wijzigingen aangebracht in arbeidswetgeving, onder andere voor oproepkrachten.

24 november 2020 | Door redactie

In de Verzamelwet SZW 2021 zijn een groot aantal wijzigingen opgenomen voor wetgeving op het gebied van arbeid en sociale zekerheid, waaronder de AOW, BW 7, WW, WML, Wajong, ZW en WIA. Het gaat om ‘klein beleid’. Grote veranderingen komen altijd in een apart wetsvoorstel. De Eerste Kamer heeft het voorstel voor de Verzamelwet SZW 2021 als hamerstuk afgedaan. Dat betekent dat het zonder stemming is aangenomen. De meeste wijzigingen gaan in per 1 januari 2021.

Aanbod oproepkracht, compensatie transitievergoeding en hoogte LIV

Enkele punten uit de wet waar werkgevers van op de hoogte moeten zijn:

  • Voor het jaarlijkse verplichte aanbod voor een vaste arbeidsomvang aan een oproepkracht gaat gelden dat de werknemer binnen een maand moet laten weten of hij op het aanbod ingaat. Bij acceptatie van het aanbod krijgt de werknemer een vaste arbeidsduur vanaf uiterlijk de eerste dag nadat twee maanden zijn verstreken na de twaalf maanden waarover de gemiddelde arbeidsduur van de oproepkracht is berekend. Deze tweede wijziging treedt wat later in werking, per 1 juli 2021.
  • In de wet wordt verduidelijkt dat de compensatie van de (transitie)vergoeding bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid én de compensatie van de transitievergoeding bij ontslag door bedrijfsbeëindiging wegens pensionering, ziekte, gebreken of overlijden van de werkgever, nooit meer kunnen bedragen dan het bedrag aan wettelijke transitievergoeding. Een werkgever die een hogere vergoeding betaalt, krijgt het meerdere niet gecompenseerd.
  • Het bedrag per verloond uur van het lage-inkomensvoordeel (LIV) daalt per 2021 van € 0,51 naar € 0,49 en het huidige maximumbedrag van € 1000 per jaar per werknemer wordt evenredig verlaagd naar € 960.