Strengere regels loondoorbetaling oproepkracht

De regels voor de loondoorbetaling bij oproepkrachten worden strenger. Vanaf 1 januari 2015 mag u de periode waarvoor u de loondoorbetaling aan de oproepkracht uitsluit alleen verlengen voor functies waarvan de werkzaamheden incidenteel van aard zijn en geen vaste omvang kennen. Dit moet een langdurige inkomensonzekerheid bij oproepkrachten beperken.

16 juni 2014 | Door redactie

Momenteel kunt u de loondoorbetaling aan oproepkrachten voor de eerste zes maanden van een arbeidsovereenkomst uitsluiten en deze periode onbeperkt verlengen als dit zo is opgenomen in de cao. Voor u als werkgever is het uitsluiten van loondoorbetaling aan oproepkrachten voordelig als u onvoldoende werk voorhanden heeft. U hoeft een oproepkracht dan immers geen loon door te betalen bij onvoldoende werk. In de cao kan van deze periode van zes maanden zijn afgeweken, ten nadele van de werknemer. 

Uitsluiting van loondoorbetaling bij specifieke functies

Het (soms onbeperkt) verlengen van de mogelijkheid om het loon niet door te betalen leidt voor oproepkrachten vaak tot langdurige inkomensonzekerheid. De Wet werk en zekerheid moet deze situatie veranderen. Hierin is namelijk een maatregel opgenomen die de mogelijkheid om in de cao af te wijken van de periode van zes maanden beperkt. In de cao kan straks alleen nog een langere uitsluiting van loondoorbetaling worden afgesproken voor functies waarvan de werkzaamheden incidenteel zijn en geen vaste omvang hebben, denk bijvoorbeeld aan piekwerkzaamheden. De functies waarvoor dit geldt, moeten expliciet genoemd zijn in de cao. In eerste instantie zou deze maatregel op 1 juli 2014 ingaan, maar door de aanname van de Wet werk en zekerheid door de Eerste Kamer is de ingangsdatum van deze maatregel uitgesteld tot 1 januari 2015.