VERDIEPINGSARTIKEL

Rechtsvermoeden van arbeidsomvang beschermt oproepkrachten

2 december 2025 6 minuten Door redactie

Iedereen in vaste dienst nemen is voor veel werkgevers bedrijfsmatig (te) uitdagend en dus bestaat de behoefte aan flexibele arbeid. In sommige branches wordt veel gewerkt met zzp’ers. Andere branches zetten een deel van de werknemers in op basis van een nulurencontract. Bij dit oproepcontract kan het zogenoemde rechtsvermoeden van arbeidsomvang een belangrijke rol spelen. Wat houdt die regel precies in?


Dit verdiepingsartikel is geschreven door Joost Kokje, advocaat en junior partner bij Wieringa Advocaten, e-mail: kokje@wieringa.nl


In artikel 7:610a en 7:610b van het Burgerlijk Wetboek (BW) zijn twee rechtsvermoedens opgenomen. Het eerste gaat over het rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst. Daar gaat dit artikel niet over. De focus zal liggen op het rechtsvermoeden van de arbeidsomvang. De arbeidsomvang is het aantal arbeidsuren waar de werknemer gemiddeld van mag uitgaan. Jij als werkgever moet loon betalen over deze uren en de werknemer bouwt er vakantierechten over op.

De werknemer mag zelf de referteperiode voor het rechtsvermoeden bepalen

Invoering rechtsvermoeden

Het idee bij de invoering van dit rechtsvermoeden was dat met name werknemers die flexibel werken, bijvoorbeeld op basis van een nulurencontract (tool) of