Afschaffing handtekeningenplicht OR-kandidaten

Met de wijziging van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) is de Tweede Kamer ook akkoord gegaan met het aanvullende voorstel van D66 om de kandidaatstelling voor de OR aan te passen. Hierdoor hoeven niet-vakbondsleden die zitting willen nemen in de OR straks geen handtekeningen meer te verzamelen. FNV Bondgenoten waarschuwt er echter voor dat dit voorstel ertoe leidt dat kandidaten zonder draagvlak tóch in de OR kunnen komen.

22 februari 2013 | Door redactie

Het doel van de wijziging is om gelijke behandeling voor niet-vakbondsleden te creëren. De vakbondsleden hoeven immers ook geen handtekeningen te verzamelen voor hun kandidaatstelling. Maar volgens de vakbond dreigt het gevaar dat er op deze manier kandidaten in de OR komen voor wie er helemaal geen draagvlak is onder de werknemers. Veel OR’en hebben namelijk lege zetels en als de OR-verkiezingen ook onvoldoende kandidaten opleveren, dan worden alle kandidaten – ook die zonder draagvlak – automatisch verkozen.

Maximaal 30 handtekeningen verzamelen

Momenteel geldt het voordrachtsprincipe bij de kandidaatstelling; voordracht van een kandidaat via de vakbond waarvan hij lid is, of via andere werknemers die geen lid zijn van de vakbond. In het laatste geval heeft de kandidaat maximaal 30 handtekeningen nodig. Bij de kandidaatstelling door de vakbond is in de WOR bepaald dat de bond overleg moet voeren met de leden in de organisatie over de samenstelling van de lijst. Zo creëren de kandidaten in beide gevallen draagvlak onder de werknemers.

Voordrachtsprincipe alleen voor vakbondsleden

Met het voorstel uit de Tweede Kamer ontstaat er volgens de vakbond juist ongelijkheid, omdat het voordrachtsprincipe dan wel geldt voor de vakbondsleden, maar niet meer voor de ongeorganiseerde werknemers.
In het bericht ‘Tweede Kamer akkoord met wijziging WOR’ heeft u al kunnen lezen over enkele andere veranderingen van de WOR, maar het is nog onduidelijk wanneer de geplande wijzigingen precies ingaan.