Het verschil: personenstelsel of lijstenstelsel

Tijdens de OR-verkiezingen kiezen werknemers de leden van de ondernemingsraad (OR). In het OR-reglement staat volgens welk kiesstelsel dit gebeurt: het personenstelsel of het lijstenstelsel. Wat is het verschil tussen die twee?

24 september 2019 | Door redactie

De keuze voor het kiesstelsel, heeft gevolgen voor het aantal stemmen dat kiesgerechtigden mogen uitbrengen, de zetelverdeling in de OR en de berekening van de uitslag van de OR-verkiezingen. Het personenstelsel is gebruikelijk bij een kleinere organisatie, waar de werknemers elkaar persoonlijk kennen. Bij het personenstelsel brengt de kiezer meestal voor elke zetel één stem uit. Als er echter veel zetels te verdelen zijn, kan het verstandig zijn om het aantal uit te brengen stemmen te beperken. Dit houdt de verkiezing overzichtelijk. Het aantal uit te brengen stemmen moet dan wel voor alle kiezers gelijk zijn. De verdeling van de zetels verloopt eenvoudig: de kandidaten op wie de meeste stemmen zijn uitgebracht, komen in de OR.

Lijstenstelsel werkt als Tweede Kamer-verkiezingen

Het lijstenstelsel is gebruikelijk bij grotere organisaties, waarbij de werknemers elkaar meestal niet persoonlijk kennen. Dit stelsel werkt net als bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer of gemeenteraad. Verschillende partijen, bijvoorbeeld groepen werknemers of de vakbond, kunnen kandidatenlijsten samenstellen. Elke lijst heeft zijn eigen programma. Kiezers maken hun keuze voornamelijk op basis van de programmapunten van de lijst. De kiezer brengt slechts één stem uit, op een kandidaat op de lijst van zijn keuze.

Kiesdeler bepaalt aantal zetels per lijst

Bij het lijstenstelsel wordt het aantal zetels per lijst berekend aan de hand van de kiesdeler: het aantal uitgebrachte stemmen gedeeld door het aantal beschikbare zetels. Krijgt de lijst genoeg stemmen voor één of meer zetels, dan gaan die naar de kandidaten die het hoogst op de lijst staan. Een lager geplaatste kandidaat kan alleen in de OR komen als hij voldoende voorkeursstemmen krijgt. De meeste zetels kunnen op deze manier worden verdeeld. Vaak blijven er één of meer zetels over waarvoor geen enkele lijst voldoende stemmen heeft behaald. Deze restzetels gaan naar de lijst(en) met de meeste overschotstemmen.

PERSONENSTELSEL: de kandidaatstelling richt zich op individuele personen. De kiezer stemt op meerdere personen (kandidaten) en kan zo zijn ‘ideale’ OR samenstellen.

LIJSTENSTELSEL: de kandidatenlijsten staan centraal, de kiezer brengt slechts één stem uit. Op zo’n kandidatenlijst staan meerdere kandidaten met overeenkomstige belangen en ideeën, zoals bij de Tweede Kamerverkiezingen of de Gemeenteraadsverkiezingen.