Eerste Kamer akkoord met wijziging WOR pensioen kleine organisatie

De Eerste Kamer is akkoord gegaan met de Verzamelwet pensioenen 2019. Door de Verzamelwet pensioenen wijzigt de Wet op de ondernemingsraden (WOR). Hierdoor kunnen personeelsvergadering (PV) en personeelsvertegenwoordiging (PVT) straks meepraten over pensioenen.

17 december 2018 | Door redactie

Nu de Eerste Kamer akkoord is gegaan met de Verzamelwet pensioen 2019 (pdf), is het wachten op publicatie van de ingangsdatum. Vanaf die datum mogen werknemers in kleine organisaties in de PV en de PVT meepraten over de pensioenregeling. Een ondernemingsraad (OR) in organisaties met ten minste 50 werknemers had sinds 1 oktober 2016 al instemmingsrecht op de pensioenregeling. Buiten dat heeft een OR instemmingsrecht op de uitvoeringsovereenkomst en de keuze voor de (nieuwe) pensioenuitvoerder.

Bestuurder moet PV en PVT schriftelijk over pensioen informeren

De wijzigingen in de WOR verplichten de bestuurder om de PVT en de PV informatie over de pensioenregeling (tools) op schrift te geven, als hij hierover beschikt. Voorheen mocht hij deze informatie ook mondeling geven, ook al had hij het op schrift. Als werknemers om deze informatie vragen, moet de bestuurder ze deze informatie geven. Hij moet de werknemers bovendien zo spoedig mogelijk informeren als hij zich voorneemt om een pensioenuitvoeringsovereenkomst of uitvoeringsreglement in te stellen, te wijzigen of in te trekken.
De PVT krijgt door de wetswijziging recht op overleg met de bestuurder over de pensioenregeling. Als een PVT de bestuurder om overleg over pensioen verzoekt, moet de bestuurder aan dit verzoek voldoen.

OR heeft instemmingsrecht over pensioen

Een OR heeft op basis van artikel 27, lid 1a WOR instemmingsrecht op regelingen op grond van een pensioenovereenkomst (tool). Als de bestuurder het voornemen heeft om zo’n regeling vast te stellen, te wijzigen of in te trekken, moet hij dit eerst aan de OR voorleggen. Is de uitvoeringsovereenkomst van invloed op de pensioenregeling, dan valt ook deze onder het instemmingsrecht. De OR heeft bovendien instemmingsrecht op de keuze van de bestuurder om het werknemerspensioen onder te brengen bij een andere pensioenuitvoerder. Als een bestuurder de OR passeert bij een besluit over een pensioenregeling, heeft de OR één maand de tijd om de nietigheid van het besluit in te roepen (artikel 27, lid 5 WOR).
Het instemmingsrecht voor een OR geldt niet bij pensioenen die zijn ondergebracht bij een bedrijfstakpensioenfonds. In dit geval is het de vakbond die de medezeggenschap namens de werknemers uitvoert.