Pensioenrichtleeftijd toch niet per 2016 omhoog

In tegenstelling tot wat hij in april aangaf aan de Eerste Kamer, verwacht staatssecretaris Wiebes van Financiën nu toch niet dat de pensioenrichtleeftijd per 1 januari 2016 verder stijgt naar 68 jaar. Zo’n verhoging moet minstens een jaar van tevoren worden aangekondigd.

13 augustus 2014 | Door redactie

In het bericht ‘Pensioenrichtleeftijd per 2016 naar 68 jaar’ kon u lezen dat de staatssecretaris in het voorjaar in een brief aan de Eerste Kamer aangaf dat de pensioenrichtleeftijd – gezien de ontwikkeling van de levensverwachting – per 2016 waarschijnlijk naar 68 jaar stijgt.
Onlangs zei hij echter in een interview met het Financieele Dagblad het omgekeerde: uit de prognose die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) eind 2013 afgaf voor de ontwikkeling van de levensverwachting, zou blijken dat zo’n verhoging helemaal niet in de lijn der verwachting ligt.

Pensioenrichtleeftijd stijgt mee met levensverwachting

De pensioenrichtleeftijd is de leeftijd die pensioenaanbieders als eindpunt moeten nemen voor de opbouw van pensioen via de werkgever. Per 1 januari 2014 is deze in één klap gestegen van 65 naar 67 jaar. De afspraak is dat hij voortaan gekoppeld is aan de levensverwachting. Als die stijgt, moet de pensioenrichtleeftijd dus mee omhoog.
Voor pensioenaanbieders is zo’n verhoging van de pensioenrichtleeftijd een flinke klus. Ze moeten immers alle lopende pensioenregelingen herberekenen. Om die reden is afgesproken dat een volgende verhoging van de pensioenrichtleeftijd altijd minimaal een jaar van tevoren wordt aangekondigd. Als Wiebes de verhoging niet dit jaar bekendmaakt, kan deze dus pas per 2017 plaatsvinden.

Stel gratis uw vragen

MKB AdviesdeskHeeft u vragen over de pensioenrichtleeftijd en de ontwikkeling van de levensverwachting, dan kunt u deze als Premium-abonnee gratis stellen aan de experts van MKB Adviesdesk. U krijgt gegarandeerd antwoord binnen vijf werkdagen. Wacht niet langer en stel uw vraag!