Pensioenversobering met nieuwe spaarfaciliteit

De opbouw van pensioen is door het sociaal akkoord aan veranderingen onderhevig. Zo wordt onder meer de opbouw versoberd, maar is er tegelijkertijd een nieuwe spaaroptie geopperd door de sociale partners. De extra maatregelen zijn nodig om het pensioenstelsel beter te laten aansluiten op de hogere levensverwachting van werknemers en het feit dat ze langer doorwerken.

17 juni 2013 | Door redactie

In het regeerakkoord is afgesproken dat het zogenoemde Witteveenkader ­– het fiscale kader voor aanvullend pensioen – wordt versoberd. Uit het sociaal akkoord (pdf) blijkt dat vanaf 1 januari 2015 pensioenen die uw werknemers bij u opbouwen na 40 jaar een bepaald bedrag moeten opleveren. Bij een middelloonregeling bedraagt het pensioen na 40 jaar voortaan maximaal 70% van het gemiddelde loon en bij een eindloonregeling maximaal 62% van het laatst verdiende loon. Dit betekent dat het belastingvrije maximumopbouwpercentage per dienstjaar bij middelloonregelingen wordt verlaagd van 2,25% naar 1,75% en bij eindloonregelingen naar 1,55%.

Lijfrenteaftrek daalt

Als u extra pensioen opbouwt via een lijfrente, kunt u vanaf 2015 geen 17% maar 12,7% van de premiegrondslag in aftrek brengen. De jaarruimte moet dit dan wel toelaten en deze berekent u met de factor A die ook daalt van 7,5 naar 6,4. Bovendien geldt voor het aanvullend pensioen dat dit niet meer fiscaalvriendelijk kan over het deel van het jaarloon dat boven de € 100.000 uitkomt.

Extra sparen via nettoloon

De sociale partners hadden tot 1 juni de tijd om met alternatieven te komen voor de verlaging van het maximumopbouwpercentage van 1,75%. In dat kader is onlangs een extra spaarmogelijkheid gepresenteerd die het mogelijk moet maken om het pensioen vanuit het nettoloon extra aan te vullen tot 1,85% van het brutoloon. Het netto-inkomen wordt dan gebruikt om 0,1% extra pensioen te sparen. Voor het deel van het jaarloon dat boven de € 100.000 komt geldt dat werknemers 1,85% extra kunnen sparen van hun brutoloon, maar dit wordt dus verrekend met hun nettoloon.

Twee pensioenregelingen

Sparen voor pensioen gaat samen met een uitgestelde belastingheffing. Dit betekent dat u geen belasting betaalt over de premie die u afdraagt, maar wel over de pensioenuitkering die u later ontvangt. De voorgestelde spaarmogelijkheid is echter wel al bij de inleg belast, maar bij de uitkering juist niet. Dit betekent dat er twee afzonderlijke regelingen komen. In een brief (pdf) laat staatssecretaris Weekers van Financiën weten de verdere (administratieve) gevolgen hiervan voor u voor het begin van het zomerreces te willen uitwerken.