Werknemer kan bezwaar maken bij herrekening pensioen

Een werknemer kan bezwaar maken tegen de omzetting van opgebouwd pensioen door de verhoging van de pensioenrichtleeftijd. Hij heeft dit recht onder meer als de totale pensioenaanspraak gelijk blijft, maar een deel van het ouderdomspensioen verloren gaat.

21 november 2017 | Door redactie

Per 1 januari 2014 is de pensioenrichtleeftijd omhooggegaan van 65 naar 67 jaar. Omdat pensioenuitvoerders (tool) niet met verschillende pensioenleeftijden wilden werken, maakten veel uitvoerders de keuze om alle aanspraken (zowel de bestaande als de nieuwe) om te rekenen naar de nieuwe pensioenleeftijd van 67 jaar. De werknemer hoefde hier geen instemming voor te geven zolang:

  • er geen opgebouwd pensioen verloren zou gaan;
  • in het pensioenreglement de mogelijkheid was opgenomen dat de werknemer de pensioeningangsdatum weer terug kon zetten naar de oorspronkelijke pensioenleeftijd zonder dat dit zijn rechten aan zou tasten.

Totale aanspraak bleef gelijk

In een recente rechtszaak had een werknemer een pensioenregeling waarin een verhouding van 100-70 werd gehanteerd om de hoogte van het nabestaandenpensioen te bepalen. Om deze verhouding gelijk te houden na het herrekenen van de pensioenaanspraken, ging een deel van het opgebouwde ouderdomspensioen verloren, terwijl het nabestaandenpensioen en wezenpensioen omhooggingen. Hoewel de totale aanspraak op pensioen hierdoor gelijk bleef, oordeelde de rechter toch dat dit alleen kon als de werknemer hier geen bezwaar tegen maakte.

Verschuiving verschillende pensioensoorten niet toegestaan

In een brief aan de Tweede Kamer geeft minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan dat de uitspraak van de rechter in lijn ligt met het wetsvoorstel Waardeoverdracht klein pensioen. In dit wetsvoorstel worden de voorwaarden verduidelijkt voor het bezwaar maken tegen de herrekening van pensioenaanspraken. Eén van die voorwaarden is dus dat een verschuiving tussen verschillende pensioensoorten niet is toegestaan.
Kantonrechter Roermond, 8 november 2017, ECLI (verkort): 10722