Geheimhoudingsplicht voor externe deskundige OR

Schakelt de ondernemingsraad een deskundige in, dan is de kans groot dat er gevoelige zaken besproken worden. De OR doet er daarom goed aan om geheimhoudingsplicht vast te leggen in de opdrachtovereenkomst.

29 januari 2018 | Door redactie

Naast de geheimhoudingsplicht die geregeld is in artikel 20 van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) kan de bestuurder geheimhoudingsplicht aan de ondernemingsraad (OR) opleggen over een specifieke aangelegenheid. De geheimhoudingplicht geldt in beide gevallen automatisch ook voor de (externe) deskundige die die de OR inschakelt (artikel 16 WOR). Om er zeker van te zijn dat de deskundige zich hiervan ook bewust is, doet de OR er goed aan deze geheimhoudingsplicht expliciet op te nemen in de opdrachtovereenkomst met de deskundige. De OR kan ook zelf geheimhoudingsplicht aan een deskundige opleggen.

Geheimhoudingplicht reikt verder dan expliciet beschreven

Bij het opleggen van een geheimhoudingplicht moet aangegeven zijn voor welke gegevens de geheimhoudingsplicht precies geld, voor hoe lang en ten opzichte van wie eventueel een uitzondering geldt voor deze plicht (denk aan vakbondsfunctionarissen). Onder de geheimhouding vallen niet alleen de uitdrukkelijk vermelde gegevens maar ook alle informatie die redelijkerwijs verband houdt met de gegevens waarvoor de geheimhouding is opgelegd.

Geheimhoudingplicht in opdrachtovereenkomst

Een slimme OR neemt alle genoemde aspecten van de geheimhoudingsplicht zo concreet en duidelijk mogelijk op in de opdrachtovereenkomst met een (externe) deskundige om misverstanden te voorkomen. Dat geldt zeker voor een deskundige die niet gespecialiseerd is in de medezeggenschap en daardoor mogelijk geen weet heeft van de geheimhoudingsplicht die ook voor hem (automatisch) geldt.

Eerder verschenen er onder OR Rendement al berichten over het inschakelen van externe deskundigen:
Deskundigheid buiten de deur zoeken
Geef externe deskundige duidelijke opdracht
Verschillende deskundigen voor één advies