Let goed op de privacy van de werknemers

Uit onderzoek blijkt dat de bestuurder de ondernemingsraad niet altijd om instemming vraagt als hij camera’s in de organisatie wil ophangen. In ruim 20% van de organisaties hebben OR en bestuurder ook geen afspraken gemaakt over de wijze waarop de beelden mogen worden ingezet. Volgens de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) heeft uw OR instemmingsrecht bij voorzieningen die gericht zijn op de controle of waarneming van de werknemers.

8 juni 2012 | Door redactie

De Groene Amsterdammer onderzocht de mate waarin ondernemingsraden gebruikmaken van hun instemmingsrecht bij maatregelen die de privacy van de werknemers mogelijk aantasten. Denk aan camera’s, meeluisteren bij telefoongesprekken en het lezen van e-mails. Bij 64% van de organisaties hangen camera’s en bij 36,4% van de werknemers leest de werkgever mee met de e-mail van de werknemers. Verder gaf 39,7% van de OR-leden aan dat zij niet goed genoeg op de hoogte zijn van de wetgeving op dit gebied. In veel gevallen kregen de ondernemingsraden geen instemmingsverzoek van de werkgever, terwijl dit volgens artikel 27 lid 1l WOR wel zou moeten.

Waar komen de camera’s te hangen?

Als OR moet u op een aantal zaken letten als het om de privacy van de werknemers gaat. Zorg in het geval van camera’s bijvoorbeeld dat u weet waar ze komen te hangen, hoe en waar de beelden worden opgeslagen en hoe lang de bestuurder de beelden bewaart. Hangt de bestuurder ergens een camera op zonder enige regeling op dit gebied, dan moet u hem vragen om de camera te verwijderen, totdat uw OR en de bestuurder afspraken hebben gemaakt.