Hoe pakken we cyberpesten (digitaal pesten) aan binnen onze organisatie?

27 september 2021

Binnen onze organisatie merken we dat bepaalde collega’s niet worden uitgenodigd voor online vergaderingen en ondertussen via de chat belachelijk worden gemaakt. Maar er is ook sprake van anonieme berichten op social media of vervelende foto’s of video’s die opeens verschijnen. Hoe pakken we deze vorm van pesten aan binnen onze organisatie?

Het is duidelijk dat pesten als bestaand risico thuishoort in de RI&E (toolbox). Als u dit risico wilt inschatten, is het belangrijk kennis te hebben van de mogelijke vormen van pesten, de gevolgen daarvan en hoe uw organisatie hiermee om kan gaan. Naast de directe en indirecte vormen van pesten wordt digitaal pesten vaak als derde categorie toegevoegd aan de bestaande protocollen.

Kosten van pesten

De gevolgen van pesten op de werkvloer zijn ook nog steeds enorm. Volgens TNO zijn ongeveer vier miljoen verzuimdagen in Nederland gerelateerd aan pesten, en overstijgen de kosten binnen Nederland een miljard euro aan loondoorbetalingen en overige kosten, zoals verzuimbegeleiding.

Daarbij is er nog niet eens gekeken naar de kosten van het verlies aan kennis wanneer mensen om deze reden besluiten de organisatie te verlaten.

Buitensluiten

Onder directe vormen van pesten wordt het verbaal of fysiek aanvallen van collega’s geschaard. Onder indirecte vormen wordt relationeel en emotioneel pestgedrag verstaan: buitensluiten, roddelen, afleiden, voortdurend kritiek leveren.

Hoewel de verschillende vormen van digitaal pesten ook kunnen vallen onder direct of indirect pesten, kunt u deze toch beter als bijzondere categorie omschrijven in uw arbobeleid, en er binnen uw pestprotocol extra aandacht aan schenken. Op deze manier kunt u er direct naar verwijzen in uw bedrijfscommunicatie.

Cyberpestprotocol

In een cyberpestprotocol (of digitaal pestprotocol) staat beschreven welke stappen u kunt volgen als er iemand gepest wordt. De belangrijkste stappen zijn meestal:

  • Het verzamelen van bewijslast (denk aan printscreens).
  • Het melden van het pestgedrag. Dit kan bij de vertrouwenspersoon, maar ook bij de leidinggevende of HRM.
  • In gesprek gaan met het slachtoffer.
  • De dader(s) opsporen indien mogelijk.
  • In gesprek gaan met de dader(s) en eventuele overige maatregelen toepassen.

Informeren

Een protocol is een belangrijke stap in het proces, maar alléén een protocol is niet voldoende. Ook de werknemers moeten deze stappen kennen, dus zij dienen hierover voldoende voorgelicht te worden.

Dit kan bijvoorbeeld in een speciale bijeenkomst of door middel van de bestaande informatiekanalen binnen de organisatie. Onder andere op pestenopdewerkvloer.nl staat ondersteunend beeld- en videomateriaal om hiervoor te gebruiken.

Exitgesprekken

Soms heerst er een taboe op slachtofferschap. Mensen besluiten om de organisatie te verlaten in plaats van het probleem aan te pakken. Zorg dus ook voor een goede kijk op uitstroom door middel van exitgesprekken, waarbij mensen in een veilige omgeving hun redenen durven uit te spreken.

Een protocol en voorlichting daarover zijn passende maatregelen bij incidentele gevallen. Wanneer het (digitale) pesten structureler is, moet uw organisatie aanvullende maatregelen nemen. Samenwerken met HRM en de OR aan een veilige werkcultuur binnen de organisatie is niet gemakkelijk, maar levert uiteindelijk veel op.

Pesten kent vele gezichten

Er zijn verschillende vormen van digitaal pesten. Stichting Stop Pesten Nu (stoppestennu.nl) en stichting Pesten op de werkvloer (pestenopdewerkvloer.nl) benoemen onder andere de volgende vormen:

  • haat- of dreigmails;
  • kwetsende Whatsappberichten;
  • uitsluiting van digitale bijeenkomsten;
  • bespotten van collega’s in chat bij videocalls;
  • (privé)foto’s of video’s worden op internet geplaatst;
  • vervelende berichten op social media (Twitter, Facebook, Instagram e.d.);
  • overnemen/maken van accounts van slachtoffer (berichten plaatsen/bestellingen doen);

Deze V&A is geschreven door Peter Reinerink is Trainer & Adviseur medezeggenschap, ARBO en duurzame inzetbaarheid bij TRAINIAC, peter@trainiac.nl, tel. (06) 255 552 20.