De reden dat medewerkers uitvallen

Om verzuim tegen te gaan, is het van belang de oorzaak te achterhalen. Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat griep en verkoudheid de grootste boosdoeners zijn. Ook zijn er verschillen in verzuim tussen jonge en oudere medewerkers.

30 juni 2014 | Door redactie

Door goed in de gaten te houden wat de reden voor verzuim is en of er verschillen zijn tussen de verschillende groepen medewerkers binnen uw organisatie, kunt u het verzuim beter beperken. U weet dan immers waarmee u rekening moet houden en op welke gebieden u maatregelen moet treffen. De resultaten van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van TNO en CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) geven u inzicht in het landelijke verzuimgemiddelde van 2013.

Oorzaak ziekteverzuim verschillend bij jong en oud

Het ziekteverzuim neemt toe naarmate medewerkers ouder zijn. Onder 15- tot 25-jarigen is het ziekteverzuim gemiddeld 2,3%, onder 25- tot 35-jarigen is dit 3,4%. De leeftijdscategorie 55 tot 65 jaar verzuimt het meest (5,8%). In 2013 lag het gemiddelde ziekteverzuimpercentage op 4%. Per 100 werkdagen zitten medewerkers dus vier dagen ziek thuis.
Ook is er een verschil tussen de klachten. Oudere medewerkers melden zich vaker dan de jongere garde ziek wegens langdurige aandoeningen zoals hart- en vaatziekten of klachten aan rug, nek en gewrichten. Jongeren die zich ziek melden wegens een langdurige aandoening doen dit meestal vanwege migraine of astma. Griep en verkoudheid zijn grote boosdoeners voor alle leeftijdscategorieën.

Ga na wat een zieke medewerker nog wél kan

Meldt een medewerker zich ziek, probeer dan altijd na te gaan wat hij nog wél voor uw organisatie kan betekenen. Een medewerker die verkouden is, kan misschien nog wel een paar uurtjes thuis werken. Zo beperkt u negatieve gevolgen van het ziekteverzuim.