Vervoer geen verplichting bij passende arbeid

Heeft u een medewerker in dienst die aangepast werk doet? Dan mag u beslissen om niet langer voor deze medewerker vervoer te regelen. De medewerker in kwestie mag om die reden de aangepaste werkzaamheden niet weigeren en daardoor zijn re-integratie tegenwerken. Dat blijkt uit een rechtszaak bij het gerechtshof in Den Bosch.

15 november 2013 | Door redactie

Een vrouw werkte 38 uur in de week als champignonplukster, maar door rugklachten kon zij haar werkzaamheden niet meer uitvoeren. Voor haar re-integratie ging ze vervolgens tien uur per week aan de slag als schoonmaakster. Van en naar de werkplek reed ze met andere schoonmakers mee. Op een gegeven moment besloot de werkgever dit vervoer stop te zetten. De vrouw meldde zich toen ziek omdat ze niet op het werk kon komen. Volgens de vrouw had ze recht op vervoer. Het gerechtshof oordeelde dat het tot het risico van de werkneemster hoorde om zelf vervoer te regelen om het aangepaste werk te kunnen doen. De werkgever was niet verplicht om het vervoer te regelen of te blijven aanbieden, en had dan ook terecht een loonsanctie opgelegd.

Meewerken aan re-integratie

Een medewerker die arbeidsongeschikt is voor zijn eigen werkzaamheden moet meewerken aan oplossingen om aangepaste werkzaamheden te verrichten. Dat is een verplichting die voortkomt uit de Wet verbetering poortwachter. Als u bedrijfsmatige redenen heeft om niet langer vervoer te regelen voor een medewerker die aangepaste werkzaamheden doet, is dat voor de medewerker geen geldige reden om passend werk te weigeren.
Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, 23 juli 2013, ECLI (verkort): 3341