Per 1 oktober gelden nieuwe Fusiegedragsregels

De Sociaal-Economische Raad (SER) heeft de Fusiegedragsregels uit 2000 gewijzigd. De nieuwe Fusiegedragsregels treden per 1 oktober 2015 in werking. Een belangrijke wijziging is dat de nieuwe regels ook gelden voor de overheid, de non-profit en het vrije beroep. Wat is nog meer gewijzigd?

21 september 2015 | Door redactie

Door de ruimere werkingssfeer van de nieuwe Fusiegedragsregels (pdf) vallen organisaties in de culturele sector, de zorg en het onderwijs straks ook onder de nieuwe gedragsregels bij fusies. Een tweede grote wijziging is dat er straks de mogelijkheid bestaat tot bemiddeling. Die bemiddeling kan uitkomst bieden als betrokken partijen een klacht hebben over het niet naleven van de Fusiegedragsregels. 

Ondernemingsraad heeft adviesrecht bij fusie

Uw OR heeft niet de mogelijkheid om gebruik te maken van de bemiddeling en ook kunt u geen klacht indienen bij de Geschillencommissie Fusiegedragsregels. Dit is voorbehouden aan de betrokken partijen: de werkgever en de vakbonden. Wel kunt u invloed uitoefenen via uw adviesrecht. Uw OR heeft adviesrecht volgens artikel 25 lid 1 WOR. Ontstaat er op basis van het adviestraject een verschil van mening uw OR en de bestuurder, dan kunt u natuurlijk wel de bedrijfscommissie om bemiddeling vragen.

Tijdig op de hoogte voor wezenlijke invloed

Zowel de vakbonden als de OR moeten tijdig op de hoogte worden gesteld van de fusieplannen, zodat u nog wezenlijke invloed heeft op het besluit. De Fusiegedragsregels beschermen de belangen van werknemers bij een fusie. Dat kan gaan om hun positie, maar ook om hun arbeidsvoorwaarden (tool) zoals bij de harmonisatie (tool) daarvan.