VERDIEPINGSARTIKEL

De risico-inventarisatie en –evaluatie (RI&E)

Werknemers mogen niet ziek worden van hun werk of van de omstandigheden waarin ze hun werk moeten doen. Daarom is elke werkgever in Nederland verplicht de risico’s die werknemers op hun werk lopen, in kaart te brengen. Volgens artikel 5 lid 1 van de Arbowet moet elke werkgever beschikken over een actuele risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en een bijbehorend plan van aanpak. Inspectie SZW controleert of uw organisatie hierover beschikt.


10 september 2020 4 minuten Door redactie

Dit verdiepingsartikel wordt u aangeboden door Rendement Online


Een RI&E is eigenlijk niets meer dan een lijst met alle risico’s voor de gezondheid en veiligheid. Een verplicht onderdeel van de RI&E is het plan van aanpak. Daarin geeft de werkgever aan welke maatregelen hij neemt om de risico’s weg te nemen of als dat niet mogelijk is, deze te beperken. Dit moet de werkgever schriftelijk vastleggen. 

Risico’s voor bijzondere categorieën

Bij het inventariseren van de risico’s die werknemers lopen, moet de werkgever apart aandacht besteden aan de gevaren, risico’s en risicobeperkende maatregelen voor bijzondere groepen werknemers. Daarbij gaat het om jongeren, zwangere vrouwen, ouderen en werknemers met een lichamelijke of verstandelijke beperking.

Gevaarlijke stoffen

Organisaties waar een bepaalde hoeveelheid gevaarlijke stoffen in installaties aanwezig is of kan worden gevormd, moeten ook een Aanvullende Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (ARIE) hebben, gericht op het voorkomen van zware ongevallen en op basis daarvan een pakket maatregelen te nemen.

Een RI&E beschrijft 3 soorten risico's:

 

  1. Algemene risico's
  2. Risico's voor bijzondere groepen werknemers
  3. Risico's vanwege de aanwezigheid van gevaarlijke stoffen (ARIE)

Denk ook aan het opnemen van de risico's van coronabesmetting!

Onderdelen van de RI&E

Een RI&E bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Inventarisatie van de risico’s.
  • Evaluatie van de risico’s.
  • Plan van aanpak.

Inventarisatie van de risico's

Bij de inventarisatie van de risico’s moet de werkgever alle mogelijke risico’s meenemen, van het risico om betrokken te raken bij een arbeidsongeval tot de kans op RSI/KANS, een burn-out of besmtting met het coronavirus.

Maar denk ook aan de verhoudingen op de werkvloer en problemen met de onderlinge communicatie. Is sprake van pestgedrag, zijn instructies begrijpelijk geformuleerd, spreekt iedereen de Nederlandse taal voldoende?

In het algemeen geldt dat hoe groter het risico is, hoe gedetailleerder het risico beschreven moet worden in de RI&E.

Evaluatie van de risico’s

Bij de evaluatie van de risico’s is het zaak dat de werkgever een schatting maakt van de waarschijnlijkheid dat iets misgaat. Hoe groot is de kans dat iets zich daadwerkelijk voordoet? Hij kijkt hierbij ook naar het aantal werknemers dat aan een bepaald risico wordt blootgesteld. En hij moet meewegen hoe groot de gevolgen van een arbeidsongeval of andere schade zijn voor individuele werknemers en voor de organisatie.

Op die manier kan hij prioriteiten stellen: wat zijn de grootste gevaren die direct weggenomen moeten worden en welke risico’s zijn minder urgent om aan te pakken? Soms geeft de wet hiervoor een richtlijn, zoals eisen aan machines in het Arbobesluit. Staat een maatregel in de wet, dan is deze verplicht en heeft dus prioriteit. 

Plan van aanpak

In het plan van aanpak, ten slotte, neemt de werkgever concrete maatregelen op die de organisatie gaat nemen om de geïnventariseerde en geëvalueerde risico’s aan te pakken. In het plan van aanpak moet hij per maatregel aangeven wanneer deze uiterlijk moet zijn uitgevoerd en wie daarvoor verantwoordelijk is. De nadruk ligt hierbij altijd op preventie. Hij moet immers zorgen dat het risico wordt weggenomen of beperkt zodat de schade niet optreedt.

Eisen aan de RI&E

De RI&E moet:

  • compleet zijn (alle werkzaamheden, afdelingen, functies, werknemers moeten erin voorkomen);
  • betrouwbaar zijn (de arbeidsomstandigheden zijn eerlijk weergegeven);
  • actueel zijn (de huidige stand van zaken beschrijven); verandert dit dan moet u de RI&E daaraan aanpassen, en;
  • op schrift staan.

De OR of de personeelsvertegenwoodrdiging (PVT) krijgt een afschrift van de RI&E en heeft instemmingsrecht. De werknemers moeten de RI&E kunnen inzien wanneer zij maar willen: zij hebben inzagerecht. 

Toetsing van de RI&E

Zijn de RI&E en het plan van aanpak eenmaal opgesteld, dan moeten deze vaak nog worden getoetst door een gecertificeerde kerndeskundige. Die kijkt of de werkgever alle risico’s in de RI&E heeft opgenomen, en beoordeelt of de situatie in de organisatie goed is weergegeven en of de meest recente normen en richtlijnen worden toegepast.

De Arbowet kent 4 kerndeskundigen:

 

  1. De arbeids- en organisatiedeskundige
  2. De arbeidshygiënist
  3. De bedrijfsarts
  4. De hogere veiligheidsdeskundige
Welke kerndeskundige de RI&E toetst hangt af van de risico’s in de organisatie. Wordt er gewerkt met gevaarlijke stoffen of ingewikkelde machines dan zullen een veiligheidskundige of arbeidshygiënist de toetsing doen. Heeft u een contract met een arbodienst, dan regelt deze de toetsing en zorgt voor de juiste kerndeskundige.

Voorwaarden voor vrijstelling toetsing

In principe moeten alle organisaties hun RI&E laten toetsen, maar voor heel kleine bedrijven wordt er een uitzondering gemaakt. Ze moeten dan wel aan bepaalde voorwaarden voldoen. De uitzondering geldt voor:

  • Werkgevers met maximaal 25 werknemers hoeven hun RI&E niet te laten toetsen als ze bij het opstellen van de RI&E een erkend RI&E-instrument gebruiken. Dit zijn hulpmiddelen die ontwikkeld zijn door brancheorganisaties. Het Steunpunt RI&E zorgt voor erkenning van deze RI&E’s.  
  • Organisaties die voor maximaal 40 uur per week werk laten verrichten (het gaat dus om heel kleine bedrijven) hoeven hun RI&E ook niet te laten toetsen. Maar let op, ze moeten wel degelijk ook een RI&E opstellen. Daarvoor kunnen ze gebruikmaken van de Checklist Gezondheidsrisico’s.

Hulpmiddelen bij het opstellen van de RI&E

De werkgever hoeft het wiel niet opnieuw uit te vinden, maar kan gebruikmaken van de kennis en kunde die in vergelijkbare organisaties is opgedaan met het opstellen van de RI&E en het plan van aanpak.

Voor veel branches is zogenoemd branche-instrument beschikbaar; dat is een voorbeeld-RI&E afgestemd op de risico’s in een bepaalde branche, zoals de Bouw & Bouwnijverheid en Zorg & Welzijn. 

Ook hebben veel branches en sectoren een arbocatalogus. Dat is een oplossingenboek met maatregelen die afgestemd zijn op specifieke risico’s van een branche of sector. Denk aan fysieke belasting in de bouw, werken met straling in de zorg en werkdruk in het onderwijs. Als de werkgever deze oplossingen gebruikt, laat hij zien dat hij aan het vereiste beschermingsniveau voldoet.