Ook werkplek thuis moet worden opgenomen in de RI&E

Nu veel meer werknemers thuiswerken en dat na corona waarschijnlijk ook vaker zullen blijven doen, is het zaak om de werkplek thuis op te nemen in de RI&E van de organisatie. Voor veel bestaande RI&E’s betekent dit dat ze aangepast zullen moeten worden.

18 februari 2021 | Door redactie

Werknemers die thuiswerken – de officiële term is plaatsonafhankelijk werken – moeten worden opgenomen in de RI&E. Ook op thuiswerkende werknemers is de Arbowet namelijk van toepassing en de werkgever zal dus moeten zorgen dat hun risico’s zijn verwerkt in de RI&E en plan van aanpak. Ook moet hij bijvoorbeeld voldoende voorlichting geven over gezond werken en de risico’s van een slechte werkplek. Een thuiswerkplek moet in principe ergonomisch worden ingericht. Veel werkgevers hebben het zo geregeld dat werknemers zaken als een tweede scherm of een bureaustoel kunnen bestellen of ze hebben het mogelijk gemaakt deze te lenen van kantoor. Goede verlichting maakt eveneens deel uit van een arboverantwoorde werkplek.

Werkstress of psychosociale arbeidsbelasting 

Ergonomie is dus een belangrijk aspect van het thuiswerken dat een plaats moet hebben in de RI&E. Daaraan gekoppeld is natuurlijk het risico van blessures door het gebruik van hulpmiddelen die minder verantwoord zijn, zoals de keukenstoel of verlichting die niet sterk genoeg is. Maar ook te lang of te intensief doorwerken, te weinig beweging en het idee continu bereikbaar te moeten zijn, horen hierbij. Dit is een vorm van werkstress of psychosociale arbeidsbelasting (PSA) (tool). Deze risico’s gelden vooral voor kantoorwerkzaamheden. Voor werknemers die thuiswerken maar daarbij andere werkzaamheden verrichten (zoals callcenterwerkzaamheden of inpakwerk) moeten andere risico’s worden opgenomen in de RI&E.