Stichting met structurele overschotten valt onder VPB

Een stichting is belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (VPB) als ze een onderneming drijft en dus winst beoogt. In een recente uitspraak geeft Rechtbank Gelderland aan dat de stichting in deze zaak aan dit vereiste voldoet, omdat ze structurele overschotten behaalt.

22 april 2020 | Door redactie

Voor het drijven van een onderneming is noodzakelijk dat een organisatie van kapitaal en arbeid deelneemt aan het economisch verkeer en daarbij winst maakt of naar winst streeft. De rechter beoordeelt op basis van de feiten en omstandigheden of hiervan sprake is. In  deze zaak ging het om een stichting die zich bezighield met het bevorderen van klimaatvriendelijk aanbesteden en ondernemen in zoveel mogelijk relevante sectoren van bedrijfsleven, organisaties en overheid. De stichting ontving hiervoor gelden van de deelnemende partijen. De Belastingdienst stelde dat de stichting een onderneming dreef en daardoor belastingplichtig was voor de VPB. De stichting was het daar niet mee eens en ging naar de rechter.

Winstreven door structurele overschotten

De rechter was het eens met de Belastingdienst. De stichting ging namelijk actief op zoek naar organisaties die wilden deelnemen aan de certificering van de stichting. Het ging hierbij niet om een besloten kring, maar om deelname aan het economisch verkeer. Voor het drijven van een onderneming was het daarnaast ook vereist dat de stichting een winstoogmerk had. Uit eerdere rechtspraak blijkt dat het hiervoor nodig is dat de organisatie feitelijk winst behaalt en dat het behalen van winst niet het gevolg is van incidentele factoren. De rechtbank oordeelde dat de stichting structureel vermogensoverschotten had en dat er dus sprake was van een winststreven. Hieruit concludeerde de rechters dat de stichting fiscaal gezien een onderneming dreef en belastingplichtig was voor de VPB. De Belastingdienst kreeg dus gelijk. 
Rechtbank Gelderland, 1 april 2020, ECLI (verkort): 2087

Bijlagen bij dit bericht