BOF geldt niet voor kleine indirecte belangen

Het is niet langer mogelijk om de bedrijfsopvolgingsfaciliteit (BOF) toe te passen bij indirecte belangen van minder dan 5%. Hiermee repareert het kabinet de nadelige gevolgen van een recent arrest van de Hoge Raad.

20 september 2016 | Door redactie

In een recent arrest legde de Hoge Raad de bedrijfsopvolgingsfaciliteit (tool) ruimer uit dan de bedoeling van de wetgever. Het kabinet heeft de gevolgen van dit arrest gerepareerd in de Overige fiscale maatregelen 2017 (tool). Deze reparatie houdt in dat de BOF alleen geldt bij een direct of indirect belang van minimaal 5%. Dit komt overeen met de uitleg van de Belastingdienst. De wetswijziging krijgt terugwerkende kracht tot en met 1 juli 2016 00.00 uur. De doorschuifregelingen in de inkomstenbelasting worden op dezelfde manier aangepast. 

Ruimere uitleg BOF van de Hoge Raad

De ruimere uitleg van de BOF (tool) was het gevolg van een arrest van de Hoge Raad op 23 april 2016. Volgens de Hoge Raad kon een indirect belang van minder dan 5% wel onder de bedrijfsopvolgingsfaciliteit vallen. De Belastingdienst moet namelijk kijken of het belang tot het ondernemingsvermogen van de holding behoort. Hiervan is bijvoorbeeld sprake als het belang past binnen de ondernemingsactiviteiten van de holding. Dit heeft tot gevolg dat het beleggingsvermogen in zo’n lichaam ook onder de BOF kan vallen. Deze verruiming van de BOF was ongewenst. 

Download de Miljoenennota 2017 en het Belastingplan 2017 direct op Rendement.nl, zodat u snel de achtergrondinformatie bij de hand heeft.