Erfgenamen de klos bij schenken aan onbekende

Er kan volgens de rechter sprake zijn van een belaste schenking (vrij van recht) als de verkrijger onbekend is. Bij het overlijden van de schenker moeten de erfgenamen dan voor de schenkbelasting opdraaien. Dit blijkt uit een recente uitspraak van Rechtbank Zeeland-West-Brabant.

1 mei 2015 | Door redactie

In deze zaak had een vrouw op 12 maart 2008 een contant bedrag van € 72.188,28 van haar bankrekening opgenomen. Later dat jaar overleed ze. In haar testament had ze de twee kinderen van haar nicht als erfgenamen opgenomen. De Belastingdienst kon de opname van het geld niet meer terugvinden in de nalatenschap. Er was ook geen verklaring van de erfgenamen voor de bestemming van het geld. Dit was reden voor de inspecteur om op 22 december 2009 een aanslag recht van schenking op te leggen aan een onbekende. Daarbij ging hij uit van een schenking vrij van recht voor een bedrag van € 72.000. De belaste verkrijging bedroeg daardoor € 141.924 en het schenkingsrecht € 69.924.

Aanvaarding schenking is niet noodzakelijk

De Belastingdienst stelde de erfgenamen uiteindelijk aansprakelijk voor deze aanslag schenkingsrecht. Volgens de erfgenamen was deze aansprakelijkstelling onterecht, omdat de fiscus geen aanslag schenkingsrecht kon opleggen als de verkrijger onbekend was. Een schenking kwam immers pas tot stand na aanvaarding door de verkrijger. De rechter volgde de erfgenamen echter niet. Op basis van de wet kon het bij een gift namelijk ook gaan om een eenzijdige handeling. Aanvaarding van de schenking was dus niet noodzakelijk. Er was voor de fiscus dus geen belemmering om uit te gaan van een belaste schenking. De aansprakelijkstelling van de erfgenamen bleef dus in stand. 
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24 maart 2015, ECLI (verkort): 1879