Kantoor aansprakelijk als BOF niet wordt toegepast

Een administratiekantoor dat de aangifte erfbelasting voor erfgenamen invult maar geen weet heeft van de bedrijfsopvolgingsfaciliteit (BOF) uit de Successiewet en deze dus niet toepast is verantwoordelijk voor de fiscale schade. Dit heeft de rechter onlangs uitgesproken.

26 april 2021 | Door redactie

De BOF uit de Successiewet regelt een belastingvrijstelling voor opvolgers die binnen de familie een onderneming erven of geschonken krijgen. Zo krijgen zij niet al direct bij de start een fikse belastingrekening voor de kiezen. De BOF werkt met een grensbedrag. Tot die grens betalen de erven die (aandelen in) een onderneming geschonken krijgen of erven helemaal geen schenk- of erfbelasting. Dit grensbedrag is voor 2021 vastgesteld op € 1.119.845. Boven het grensbedrag geldt nog een vrijstelling van 83%. De BOF kent wel een aantal voorwaarden. Zo moet een opvolger die een onderneming geschonken krijgt, die minstens vijf jaar voortzetten.

Aansprakelijk voor fiscale schade door niet-toepassing BOF

In onderstaande zaak paste een administratiekantoor de BOF echter niet toe in de aangifte erfbelasting. Het kantoor was gevraagd door de kinderen (erfgenamen) om de aangifte te verzorgen in verband met het overlijden van hun moeder die aandelen had in het familiebedrijf. Het kantoor verzorgde al de aangiften BTW en loonbelasting voor deze onderneming en de aangiften inkomstenbelasting voor de kinderen.  De kinderen hadden later nog geprobeerd de BOF toegekend te krijgen maar de inspecteur wees dit verzoek af omdat de aanslagen al definitief waren. De kinderen stelden het kantoor aansprakelijk voor de fiscale schade omdat de BOF niet was toegepast. Het kantoor vond echter dat er sprake was van een vriendendienst.

Kantoor had onkunde moeten melden

Rechtbank Midden-Nederland geloofde niet dat er sprake was van een vriendendienst. De erfgenamen en het kantoor kenden elkaar zakelijk en aangiftes verzorgen behoorden tot de reguliere werkzaamheden van het kantoor. De erfgenamen mochten ervan uit gaan dat het kantoor, omdat het zich ook presenteerde al belastingadviseur, wist van het bestaan van de BOF. Het is echter door het kantoor niet aangegeven dat ze geen kennis had van de toepassing van de BOF. Dit had ze aan de erfgenamen moeten melden. Daarom was het kantoor verantwoordelijk voor de fiscale schade die de erfgenamen hebben opgelopen doordat de BOF niet was toegepast.
Rechtbank Midden-Nederland 24 maart 2021 (gepubliceerd 16 april 2021), ECLI (verkort): 1083