Schenking met uitsluiting valt nooit in de gemeenschap

Schenkingen die gedaan zijn met een uitsluitingsclausule en tijdens een huwelijk worden ontvangen, blijven privévermogen van de begunstigde ook al heeft een echtpaar de bedragen samen uitgegeven. De ontvangen bedragen vallen dus nooit in de gemeenschap van goederen. Dit heeft de Hoge Raad onlangs aangegeven.

2 mei 2019 | Door redactie

Als iemand een schenking (tool) ontvangt met een uitsluitingsclausule valt het bedrag dat de schenker aan de begunstigde heeft geschonken niet in de huwelijksgemeenschap van de begunstigde en de partner. Het bedrag van de schenking blijft namelijk privévermogen van de begunstigde, ook al is diegene in gemeenschap van goederen getrouwd.

Geen notaris voor uitsluiting nodig

Een uitsluitingsclausule aan een schenking koppelen is heel eenvoudig. Dit hoeft niet in een notariële akte te gebeuren. Een gang naar de notaris is dus niet nodig. Er kan voor worden gekozen om de uitsluiting te vermelden in de omschrijving als de schenker het geld overboekt naar de begunstigde. Het nadeel daarvan is echter wel dat de begunstigde moet bewijzen dat de clausule is toegevoegd. Dit kan lastig zijn. Zelf een akte opstellen (tool) is dan een oplossing.

Bedragen werden gezamenlijk uitgegeven

In de zaak die tot de Hoge Raad werd uitgevochten ging het om een vrouw die drie keer € 10.000 met uitsluitingsclausule had ontvangen tijdens haar huwelijk. Ze was in gemeenschap van goederen getrouwd. De bedragen werden na ontvangst meteen naar de gezamenlijke rekening overgeboekt en ook gezamenlijk uitgegeven. Bij de scheiding gaf de man aan dat hij vond dat de schenkingen tot het gezamenlijke vermogen behoorden terwijl de vrouw vond dat ze tot haar privévermogen behoorden. Daarnaast waren ze het ook niet eens over waaraan het geld was opgemaakt.

Bedrag van € 30.000 moest worden vergoed

De Hoge Raad gaf aan dat het er niet toe deed waaraan het geld was besteed. Ook speelde het geen rol in deze zaak dat de bedragen van de schenking meteen naar de gezamenlijke rekening waren overgemaakt. De schenkingen bleven door de uitsluiting privévermogen van de vrouw. Het bedrag van € 30.000 moest dus bij de verdeling van het gemeenschappelijke vermogen aan de vrouw worden vergoed.
Hoge Raad, 5 april 2019 , ECLI (verkort): 504