Bijna nooit een apostrof voor de bezits-s

In het Engels is het gebruikelijk om de bezits-s altijd met een apostrof ervoor te schrijven: Robert’s laptop, McDonald’s hamburgers. Wist u dat dit in onze taal meestal niet correct is? In het Nederlands gebruikt u de apostrof namelijk alleen als de s anders de uitspraak van de voorafgaande klank zou veranderen.

16 mei 2013 | Door redactie

Het Groene Boekje geeft aan dat een bezitsvorm in het Nederlands wordt gemaakt door een s toe te voegen. In veruit de meeste gevallen hoeft u geen apostrof voor de s te zetten. U moet rekening houden met de volgende drie regels:

  1. De bezits-s wordt aan het woord vastgeplakt, tenzij dat eindigt op een lange klinker of een sisklank. Bijvoorbeeld: Dominiks stad, Jeanines zoon, Dorothés klant.
  2. Als het woord eindigt op een lange klinker met één letterteken zonder accent (dus a, i, o, u of y), komt er een apostrof vóór de s. Bijvoorbeeld Cindy’s parkiet, Silvija’s gitaar.
  3. Als het woord eindigt op een sisklank, komt er alleen een apostrof achter het woord, en geen extra s. Bijvoorbeeld Dennis’ sportschoenen, Marnix’ plan. 

Dezelfde regel bij verwijzende soortnamen

De regel blijft hetzelfde als het niet gaat om eigennamen, maar om soortnamen die naar personen verwijzen. U schrijft dus: mijn managers humeur, mijn tantes armband, mijn oma’s geheugen, mijn baas’ geduld.

Meer informatie over het maken van professionele teksten vindt u in de toolbox Zo voorkomt u missers in uw schriftelijke communicatie.

Bijlagen bij dit bericht