Vandaag uit Praag een ´kattenbel´? Fout!

De Nederlandse taal kan verdraaid lastig zijn. Zeker met woorden die erg op elkaar lijken, gaan taalgebruikers nogal eens de mist in. Als die woorden niet inwisselbaar zijn, kan dat grappige taferelen opleveren. Maar in het zakelijke verkeer kunnen zulke taalfouten voor een flinke imagodeuk zorgen.

7 november 2013 | Door redactie

Enkele voorbeelden van woorden die erg op elkaar lijken, maar zeker niet inwisselbaar zijn:

  • ‘Karwei’ en ‘karwij’. De eerste is een flinke klus, de tweede een keukenspecerij.
  • ‘Toost’ en ‘toast’. Een toost is een toespraakje waarbij u iemand in het zonnetje zet, toast een stuk geroosterd brood.
  • ‘Kattebelletje’ en ‘kattenbelletje’. De eerste is een snel geschreven briefje, de tweede een belletje aan de halsband van een poes.
  • ‘Werkloos’ en ‘werkeloos’. Als iemand werkloos is, heeft hij geen baan. Iemand die werkeloos is, heeft niets om handen.

Andere schrijfwijze niet meteen een taalfout

Er zijn ook woorden die u wel op twee verschillende manieren kunt schrijven. Zónder betekenisverschil, dus deze woorden kunt u wel inwisselbaar gebruiken. U hoeft dan alleen te kijken wat mooier klinkt of beter past in uw tekst. Voorbeelden hiervan zijn ‘keus’ en ‘keuze’, ‘gemakkelijk’ en ‘makkelijk’, ‘enzovoort’ en ‘enzovoorts’, ‘oppervlak’ en ‘oppervlakte’, ‘eind’ en ‘einde’.

Stel gratis uw vragen

MKB AdviesdeskHeeft u vragen over taal en taalgebruik, dan kunt u deze als Premium-abonnee gratis stellen aan de experts van MKB Adviesdesk. U krijgt gegarandeerd antwoord binnen vijf werkdagen. Wacht niet langer en stel uw vraag!