Bekendheid van de WBTR laat te wensen over

De nieuwe Wet bestuur en toezicht rechtspersonen (WBTR) is bij veel bestuurders nog niet bekend. Daarnaast weten bestuurders vaak niet hoe ze met deze nieuwe wet om moeten gaan. Dit blijkt uit de recente resultaten van een onderzoek van De Nederlandse Associatie (DNA) en het Instituut voor Verenigingen, Branches en Beroepen (IVBB).

23 juni 2021 | Door redactie

Aan het onderzoek van DNA en IVBB naar de bekendheid van de WBTR hebben ruim 26.000 bestuurders van verenigingen en stichtingen meegewerkt. Hieruit blijkt dat 60% van deze bestuurders nog nooit gehoord had van de WBTR. Van de bestuurders die al eerder iets over deze wet hebben gehoord, geeft ruim 36% aan dat ze die kennis hebben opgedaan via een collega-bestuurslid. Daarnaast is de kennis verkregen via de koepelorganisatie (30%), de algemene media (23%), de sociale media (7%) en de vakpers (4%).

Ondersteuning voor invoeren van de WBTR

Maar waar kunnen bestuurders dan terecht voor ondersteuning? Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat 70% geen idee heeft waar ze terechtkunnen voor ondersteuning om aan het werk te gaan met de WBTR. Voor veel bestuurders speelt de koepelorganisatie daarin een belangrijke rol. 18% van de bestuurders heeft informatie van de koepelorganisatie ontvangen. Op de website wbtr.nl is een stappenplan te vinden om gemakkelijk aan de wet te voldoen. Dit stappenplan is bij 12% van de bestuurders bekend. Juridische dienstverleners spelen ook een rol bij de ondersteuning (9%). Een andere website wbtrcheck.nl, die aangeeft of de WBTR ook geldt voor de stichting of vereniging, is minder bekend (3%). 

Wijziging van statuten mogelijk noodzakelijk

Per 1 juli gaat de WBTR in. Deze nieuwe wet moet ervoor zorgen dat er meer duidelijkheid komt over het bestuur en toezicht van stichtingen en verenigingen. Dit kan gevolgen hebben voor de statuten van een organisatie. In de wet zijn verschillende termijnen opgenomen voor het wijzigen van de statuten. Het betekent dus niet dat een organisatie alle wijzigingen per 1 juli geregeld moet hebben. Een organisatie zal de statuten moeten bekijken om te bepalen waar een wijziging noodzakelijk is.