Breng flexibiliteit in nieuwe Governance Code

De kans is groot dat uw organisatie aan de slag moet met een eigen vertaling van de Corporate Governance Code. De Nederlandse vereniging van Commissarissen en Directeuren (NCD) vindt de voorgestelde wijziging van deze code niet flexibel genoeg. Hoe de definitieve versie er ook uit gaat zien: organisaties doen er goed aan om zelf aanvullende regels opstellen.

8 april 2016 | Door redactie

Op dit moment wordt de Corporate Governance Code herzien. Toch vindt de NCD de conceptversie niet flexibel genoeg. De vereniging pleit voor een korte en krachtige basiscode die organisaties zelf kunnen vertalen naar hun eigen sector en bedrijfssituatie. Als het gaat om Corporate Governance, spelen drie partijen een belangrijke rol: de werkgever, toezichthouder en ondernemingsraad (OR). Eigen vertalingen van de code leiden in de praktijk vaak tot een wijziging van bevoegdheden. Daarop geldt het adviesrecht van de OR.

Regel bedrijfseigen afspraken in aanvulling op de code

Hoe de definitieve versie van de nieuwe Governance Code er ook uit komt te zien: uw organisatie kan daarop eigen aanvullende afspraken maken. Zo is het belangrijk dat werknemers (via de OR) betere mogelijkheden krijgen om bestuurders en commissarissen aan te spreken op het nemen van hun verantwoordelijkheid. De ondernemingsraad kan bijvoorbeeld afspraken maken met de werkgever en toezichthouder over de manier waarop commissarissen verantwoording afleggen. Dat biedt meer duidelijkheid voor alle partijen. Nu stelt de (conceptversie van de) code (pdf) daar amper eisen aan.

Stel eigen richtlijnen om te kunnen toetsen

Verder richt de code zich nu vooral op interne controles en procedures, terwijl voor elke organisatie ook externe risico’s spelen. Zorg ervoor dat in het governancebeleid van uw organisatie aandacht uitgaat naar die externe risico’s. Ook stelt de nieuwe code meer eisen aan het beoordelen van niet-financiële aspecten, zoals de organisatiecultuur, milieu of mensenrechten. Helaas is er geen wettelijke norm om dat aan te toetsen. Het is dus aan de OR, bestuurder en toezichthouder om daarover zelf richtlijnen op te stellen.
De Governance Code (gedragscode voor goed bestuur) is overigens alleen verplicht voor beursgenoteerde organisaties. Organisaties die dat niet zijn, kunnen de code vrijwillig toepassen.