Als de baas tijdens de pandemie op kantoor werkt

Terwijl wereldwijd de Britse, Braziliaanse en Zuid-Afrikaanse variant van het coronavirus oprukken en de overheid dringend adviseert om zo veel mogelijk thuis te blijven, zitten sommige managers stoïcijns op kantoor te werken. Hoe zit dat met hun voorbeeldfunctie?

27 januari 2021 | Door redactie

De werkplek prijkt op de tweede plaats van coronabesmettingshaarden, tussen de thuisomgeving en familiebijeenkomsten in, blijkt uit onderzoek van het RIVM. Niet voor niets adviseert premier Rutte al sinds maart vorig jaar om zo veel mogelijk thuis te werken. Toch zijn er leidinggevenden die ondanks de strenge lockdown gewoon naar kantoor gaan, terwijl zij hun werkzaamheden prima vanuit huis kunnen uitvoeren.

Werknemers voelen zich verplicht

‘Werk thuis, tenzij het echt niet anders kan’ is het adagium. Door dan toch naar kantoor te gaan, slaat de manager dit overheidsadvies in de wind en wekt hij de indruk dat thuiswerken niet per se noodzakelijk is. Zo geeft hij niet het goede voorbeeld.
Daarnaast bestaat het gevaar dat werknemers zich verplicht voelen om ook naar kantoor te komen, vanwege de hiërarchische verhouding. Als de leidinggevende ook nog de wens uitspreekt om zijn team persoonlijk te spreken, bijvoorbeeld vanwege een beoordelings- of voortgangsgesprek, kunnen werknemers dit als dwingend opvatten.

Signaal afgeven

Het managementteam moet daarom voorzichtig zijn met het beeld dat het geeft van het op kantoor werken tijdens een pandemie. Al was het maar om geen tegenstrijdige boodschappen af te geven. Het is belangrijk dat het MT blijft benadrukken dat het geen probleem is als werknemers vanuit huis werken en dat dit geen gevolgen heeft. Om helemaal een duidelijk signaal af te geven, is het verstandig om dan zelf ook vanuit huis te werken, tenzij het niet anders kan.