Balans tussen contracturen en privézaken

Werk en privézaken op een goede manier combineren, is belangrijk voor een goed functionerende werknemer. Een nieuw wetsvoorstel van minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid moet hierbij kunnen helpen. Het doel van het voorstel is om meer flexibiliteit te creëren bij een aanvraag om meer of minder te gaan werken, vooral in het geval van onvoorziene omstandigheden.

22 augustus 2011 | Door redactie

Een flexibelere Wet aanpassing arbeidsduur moet ervoor zorgen dat mensen in staat zijn om een goede balans te vinden tussen betaald werk aan de ene kant en zorgtaken, vrijwilligerswerk en vrije tijd aan de andere kant. Wie minder of juist meer uren wil werken kan zo’n verzoek volgens de wet nu slechts één keer per twee jaar indienen. Volgens het nieuwe wetsvoorstel moeten werknemers deze mogelijkheid vaker krijgen, namelijk één keer per jaar. De eis dat een werknemer tenminste één jaar in dienst moet zijn, komt dan te vervallen. Ook hoeft de werknemer het verzoek niet al vier maanden van tevoren aan te vragen. 

Onvoorziene omstandigheden en aanvraag urenaanpassing

Een andere wijziging in het wetsvoorstel is de optie om de uren enkel voor een bepaalde periode aan te passen. Hierdoor zijn de aanpassingen niet altijd permanent, maar kan de werknemer in een bepaalde periode minder werken en in de volgende periode juist weer meer.
In het geval van onvoorziene omstandigheden moet een verzoek tot aanpassing van de werktijden altijd mogelijk zijn, zelfs vaker dan één keer per jaar. Dit geldt bijvoorbeeld als een werknemer onverwacht voor een ouder of partner moet zorgen en daarom minder moet gaan werken. Weigering van het verzoek (ook bij een jaarlijkse aanvraag) kan alleen in het geval van zwaarwegende bedrijfsbelangen.