Welke wijzigingen in de cao uitzendkrachten per 1 januari 2022?

15 november 2021

We horen dat veel gesproken wordt over flinke wijzigingen in de cao's voor uitzendkrachten van ABU en NBBU per 1 januari 2022. Aangezien het al bijna 2022 is: met welke wijzigingen moeten we rekening houden?

Op het moment van schrijven is er tussen de ABU, de NBBU en de betrokken vakbonden nog geen definitief akkoord over de nieuwe cao. Wel kwamen de ABU, de NBBU en vakbond LBV eerder tot een afspraak voor verlenging van de uitzend-cao voor één jaar met daarin de nagenoemde wijzigingen.

Vakbonden FNV, CNV en De Unie zijn boos over de gang van zaken en proberen de komende tijd nog het één en ander te veranderen. Het is dus nog niet zeker dat de beschreven wijzigingen op 1 januari 2022 ingaan.

Wijziging in het fasensysteem, eerder een vast contract

Het fasensysteem gaat op de schop. In het fasensysteem krijgen uitzendkrachten meer rechten naarmate ze langer als uitzendkracht werken.

De NBBU-cao kent vier fasen (1, 2, 3 en 4) en de ABU-cao drie (A, B en C), waarbij fase A van de ABU en fase 1 en 2 van de NBBU erg op elkaar lijken. Dit geldt ook voor fase B en fase 3. Fase 4 en fase C blijven ongewijzigd; uitzendkrachten hebben dan een vast contract. Wat verandert er wel?

  • Fase A/1-2 duurt straks 52 weken in plaats van 78 weken. Hierbij geldt overgangsrecht. Voor nieuwe contracten geldt vanaf 2022 altijd de 52 weken. Vanaf 3 januari 2023 is deze termijn voor iedereen in fase A/1-2 de standaard.
  • Fase B/3 duurt drie jaar (en/of zes contracten), in plaats van vier jaar (en/of zes contracten). Ook hierbij geldt overgangsrecht, dat in grote lijnen hetzelfde is als voor fase A/1-2.

Dit betekent dat uitzendkrachten uiterlijk na vier jaar recht krijgen op een vast contract. Nu ontstaat dat recht pas na 5,5 jaar.

Inlenersbeloning wordt uitgebreid

De inlenersbeloning wordt uitgebreid met eenmalige uitkeringen, zoals de zorgbonus en een compensatie voor met vertraging afgesloten cao’s. Als de inlener zulke uitkeringen verstrekt aan werknemers die direct in dienst zijn, krijgen uitzendkrachten hier ook recht op.

Tot de eenmalige uitkeringen behoren bijvoorbeeld niet een periodieke 13e maand of eindejaarsbonus. De thuiswerkvergoeding gaat als doorlopende vergoeding ook voor uitzendkrachten gelden. De ruimere inlenersbeloning kan als gevolg hebben dat uitzendkrachten wat duurder worden.

Uitzendkrachten krijgen meer recht op pensioenopbouw

Het pensioen wijzigt op twee punten: uitzendkrachten starten eerder met pensioenopbouw en ze bouwen pensioen op over een groter deel van hun salaris.

De werknemers moeten een aantal weken bij dezelfde werkgever in de uitzendbranche werken voor zij pensioen opbouwen, de zogenoemde wachttijd. Op dit moment bedraagt die wachttijd 26 weken. Vanaf 1 januari 2022 wordt dit 8 weken. Werknemers die op 1 januari 2022 tussen de 8 en de 26 weken werkzaam zijn, zullen vanaf dat moment direct pensioen gaan opbouwen.

Ook wijzigt het pensioengevend salaris. Werknemers gaan over een groter deel van hun loon pensioen opbouwen. Vanaf 2022 wordt er bij de pensioenopbouw uitgegaan van het sociale verzekeringsloon (al worden enkele componenten uitgezonderd, zoals de bijtelling voor een zakelijke auto). Belangrijk is dat er, in tegenstelling tot nu, ook over overuren en over het toeslagdeel bij onregelmatige uren en ploegenuren pensioen wordt opgebouwd.

Arbeidsmigranten krijgen meer bescherming in de cao voor uitzendkrachten

Arbeidsmigranten die voor het eerst naar Nederland komen, krijgen twee maanden recht op het minimumloon, ongeacht of ze fulltime werken. Ook wordt ingezet op het voorkomen van schulden voor aanvang van het werk en komt er een termijn van vier weken na einde contract waarin de arbeidsmigrant de huisvesting moet verlaten.