Handel in herinvesteringsreserves mag niet

Een herinvesteringsreserve in een bv valt vrij bij een belangrijke wijziging van de aandeelhouders, zelfs als die wijziging slechts enkele minuten voor de toepassing van de herinvesteringsreserve plaatsvindt. De rechtbank in Haarlem bepaalde onlangs dat de Belastingdienst daarom terecht de winst van een onderneming met bijna € 900.000 had verhoogd.

15 augustus 2011 | Door redactie

Een bedrijfsmiddel kan bij verkoop veel meer opleveren dan de boekwaarde ervan. In zo’n situatie kunt u de boekwinst bij de verkoop onder voorwaarden in een herinvesteringsreserve stoppen, waardoor u over de boekwinst voorlopig geen belasting betaalt. Dan moet u dit bedrag in principe wel binnen drie jaar gebruiken voor een nieuwe investering, anders valt de reserve vrij. Om de handel in bv’s met herinvesteringsreserves te voorkomen, valt de reserve echter ook vrij bij een belangrijke wijziging van de aandeelhouders.

Herinvesteringsreserve doorverkopen

In deze zaak had een bv een grote herinvesteringsreserve op de balans staan. De aandeelhouder wilde de bv twee panden laten kopen, de herinvesteringsreserve toepassen en de onderneming daarna doorverkopen. Dat gebeurde dan ook, maar de fiscus vond deze gang van zaken achteraf niet pluis. De bv kreeg een aanslag vennootschapsbelasting waarbij de winst werd verhoogd met het bedrag van de herinvesteringsreserve, bijna € 900.000.

Volgorde acties van belang

Voor de rechtbank in Haarlem kreeg de Belastingdienst gelijk. Maar waar de belastinginspecteur van mening was dat de bv geen reëel voornemen tot herinvesteren had gehad vóór de aandeelhouderswissel, volgde de rechter een andere redenering. De overdracht van de aandelen naar de nieuwe aandeelhouder had zes minuten vóór de notariële levering van de twee panden plaatsgevonden. Op basis van de regel dat een herinvesteringsreserve bij substantiële wijziging van de aandeelhouders vrijvalt, was de hogere aanslag volgens de rechter terecht.
Rechtbank Haarlem, 1 juli 2011, LJN: BR2764