Komt er verruiming van verliesverrekening in de VPB?

Er zijn door de Tweede Kamer twee moties aangenomen die ertoe moeten leiden dat het kabinet gaat onderzoeken of er een tijdelijke verruiming van de verliesverrekening in de vennootschapsbelasting (VPB) kan worden doorgevoerd. Dit zou tot meer financiële armslag bij deze ondernemingen moeten leiden.

20 april 2020 | Door redactie

Belastingplichtigen voor de VPB kunnen momenteel verliezen een jaar terug en zes jaar vooruit verrekenen (tool). Door de coronacrisis krijgen veel van deze belastingplichtigen dit jaar met verliezen te maken. De Tweede Kamer wil deze groep tegemoet komen en heeft gevraagd of de regering kan gaan onderzoeken of een verruiming van deze verliesverrekening een verbetering van de liquiditeitspositie van Nederlandse ondernemingen kan gaan opleveren.   

Geschatte verlies meteen verrekenen met 2019

Daarnaast heeft de Tweede Kamer ook verzocht om een onderzoek naar de mogelijkheid om VPB-plichtigen al in 2020 op grond van een geschatte winst- en verliesrekening over 2020 aangifte te laten doen. Het daaruit voortvloeiende geschatte verlies zouden zij dan meteen mogen verrekenen met de winst over 2019.

Voorlopige verliesverrekening

Momenteel hoeft een VPB-plichtige als hij een verlies heeft geleden dat hij wil verrekenen met winst uit een voorgaand jaar ook niet te wachten tot het moment dat de Belastingdienst zijn aangifte over het verliesjaar heeft afgewerkt. Als hij de aangifte indient, kan hij namelijk al een verzoek doen om voorlopige verliesverrekening. De fiscus stelt dan de voorlopige verliesverrekening vast met een beschikking. Hierbij gelden er wel enkele voorwaarden:

  • Hij moet de aangifte over het verliesjaar indienen.
  • De aanslag over het jaar waarmee hij het verlies wil verrekenen, moet definitief vaststaan.

Van het verlies dat de VBB-plichtige aangeeft, wordt maximaal 80% verrekend.

Bijlagen bij dit bericht