Laag tarief VPB in één klap van 15% naar 19%

20 september 2022 | Door redactie

Ondernemingen gaan vanaf 2023 weer sneller het hoge tarief in de vennootschapsbelasting (VPB) betalen over hun winst. Volgend jaar geldt het lage VPB-tarief nog maar tot een winst van € 200.000. Nu ligt de grens nog op € 395.000. Bovendien stijgt het lage tarief van 15% naar 19%.

De verlaging van de winstgrens is eerder al aangekondigd in de Voorjaarsnota. Maar uit de Prinsjesdag-stukken blijkt dat er ook nog flink wordt gesleuteld aan het lage tarief in de VPB. Aan het hoge tarief verandert vooralsnog niets. Schematisch ziet de ontwikkeling er zo uit:

  2020 2021 2022 2023
Laag tarief 16,5% 15% 15% 19%
Winstgrens € 200.000 € 245.000 € 395.000 € 200.000
Hoog tarief 25% 25% 25,8% 25,8%

Financiering nodig voor koopkrachtpakket

De afgelopen jaren is het lage tarief in de VPB (toolbox) dus juist teruggeschroefd van 19% naar de huidige 15%. Bovendien is de winstgrens waarvoor dit lage tarief geldt omhooggegaan, van € 200.000 naar € 395.000 dit jaar. Vanaf 2023 breekt het kabinet dus met die trend. Eén van de redenen is dat er extra belastinginkomsten nodig zijn om een omvangrijk koopkrachtpakket te bekostigen. Maar het kabinet noemt zelf verder als reden dat de ingreep het fiscale verschil tussen werknemers, zelfstandigen en directeuren-grootaandeelhouders (dga's) helpt verkleinen. In 2024 komt er bovendien een evaluatie van het lage tarief in de VPB. 
Dat er in de plannen nog niets verandert aan het hoge VPB-tarief zegt nog niet alles. Vorig jaar is er ook tijdens de behandeling van de begroting nog een verhoging doorgevoerd. Oorspronkelijk zou het hoge tarief dit jaar namelijk op 25% blijven staan. Met de verhoging naar 25,8% is onder meer een verhoging van de salarissen van leraren in het basisonderwijs betaald.

Fiscale eenheid opheffen of opknippen?

Door de verhoging van de winstgrens voor het lage VPB-tarief de afgelopen jaren, is het voor sommige concerns aantrekkelijker geworden om een fiscale eenheid voor de VPB op te breken. De Belastingdienst ziet de ondernemingen in een fiscale eenheid namelijk als één belastingplichtige, en telt de winsten bij elkaar op. Daarmee kan de fiscale eenheid dus ook maar één keer profiteren van het lage tarief. Door de fiscale eenheid op te heffen, kan elke onderneming afzonderlijk profiteren. Nu de winstgrens weer omlaaggaat, wordt dit een minder aantrekkelijke route, zo schrijft het kabinet in het Belastingplan 2023. Min of meer hetzelfde geldt voor het ‘opknippen’ van een concern in meerdere ondernemingen. Voor dit mogelijke gevolg is bij het verhogen van de winstgrens steeds aandacht gevraagd in de Tweede Kamer. Het kabinet heeft daarop eerder al toegezegd dat wordt gemonitord of concerns zich daadwerkelijk vaker opsplitsen om fiscale redenen.

Download de complete Miljoenennota 2023 (pdf) en het Belastingplan 2023 (pdf), zodat u snel de achtergrondinformatie bij de hand heeft.