Welke regels gelden voor de vakantieopbouw van oproepkrachten en flexwerkers?

Antwoord

10 december 2010

Elke werknemer heeft volgens de wet jaarlijks recht op vier keer het aantal werkuren per week om ‘uit te rusten'. Dit betekent dat een werknemer die fulltime werkt recht heeft op twintig dagen vakantie per jaar. Een uitzondering geldt voor werknemers die niet elke week een vast aantal dagen of uren werken:

- oproepkrachten: u kunt bij hen de basisformule niet zomaar toepassen, maar moet aan het eind van jaar het gemiddeld aantal werkuren per week berekenen. Op basis daarvan berekent u op hoeveel vakantiedagen de werknemer recht heeft. Hij bouwt voor elke 13 gewerkte uren één vakantie-uur op;

- flexwerkers: door de flexibele arbeidspatronen wordt het opgebouwde recht aan vakantiedagen altijd uitgekeerd in geld. Heeft een flexwerker een dag vrij op kosten van de werkgever, dan moet die dag ook apart worden uitbetaald. Degene die de loonadministratie regelt, geeft dan aan op welke dag de vakantie-uren zijn opgenomen. De uitbetaling in geld en uren wordt verrekend met het opgebouwde tegoed in geld en uren.

De cao van de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen

(NBBU) – een van de twee grote spelers in de flexwerkbranche – verbiedt zelfs het opnemen van vakantiedagen binnen de eerste twee maanden van een dienstverband, tenzij daarvoor expliciet toestemming wordt gegeven.

Meer informatie vindt u op de website van de NBBU.

Gerelateerd aan dit antwoord

Laatst toegevoegd

Meest gelezen

Heeft u een vraag over Vakantieregeling?

Dick van Deventer

Advocaat arbeidsrecht

Valegis Advocaten
Adviseur is nu beschikbaar